Wat zou jij doen als je één dag verder in de toekomst leeft? Als je kan zien wat er allemaal staat te gebeuren: wie de loterij wint, een vreselijk ongeluk of dat het eindelijk gaat sneeuwen? Zou je dat willen?
Het finaledeel van de Gorgel-trilogie! Jochem Myjer vertelde in de Grote Vriendelijke Podcast dat hij in dit laatste deel nog eens flink wilde uitpakken: hij haalde alle Gorgels uit de wereld naar ‘zijn’ eiland om zich op te maken voor hun grootste uitdaging ooit!
Over heilige koeien, ruimteapen en de roep van de kakapo
Joukje Akveld & Djenné Fila
Ik houd van dit soort groot formaat boeken. Je kunt er niet omheen, ze pakken zo lekker vast en je kunt ze neerzetten als kunstwerk in de kamer. En wat een kunstwerk is dit weer!
Met paginagrote illustraties van Djenné Fila, de illustrator die mij elke keer verrast (ik verzamelde tot nu toe al haar boeken). Maar natuurlijk ook met de immer enthousiaste schrijversstem van Joukje Akveld, die we kennen van Wij waren hier eerst (“een vlijmscherp boek over een ingewikkelde waarheid: zo leven wilde dieren echt.”)
Lachen om de dood, mag dat? Als je dit boek leest, kun je je lachen niet inhouden. Tiny Fisscher schrijft in een droogkomische stijl over de dood van vriend vogel. De illustraties zijn enorm grappig omdat iedere vogel in het verhaal weer een eigen karakter heeft. Herma Starreveld werkte met de collagetechniek en dat resulteert in kleurrijke vogels die bestaan uit krantensnippers en andere stukjes gekleurd papier. Ze hebben allemaal een andere gezichtsuitdrukking en houding.
Oh, Joke van Leeuwen! Mijn absolute lievelingsschrijver vanaf het moment dat ik Een huis met zeven kamers las, dat was ongeveer toen ik 9 jaar was, in 1988 (!).
En haar nieuwste boek, Ik ben hier, doet me zo denken aan het kleine lezertje dat ik vroeger was en dat genoot van de maffe verhalen en geniale tekeningen. Haar vertelstem is voor mij zo vertrouwd én tegelijkertijd zo verrassend, want haar kijk op de wereld blijft er een met ‘kinderogen’. Zo knap, dat iemand al haar hele leven lang zoveel prachtig werk maakt, zoveel kwaliteit, geen enkel boek stelde mij teleur. Ik hoop dat ze daar nog lang mee door mag gaan.
Een parel. Een ontroerend, klein verhaal dat eigenlijk heel groots is. Over vluchten en over je ergens thuis voelen. Het kleine witte konijntje Misjka brengt het hele gezin van Roya dichter bij elkaar: Misjka staat voor liefde, aandacht en geborgenheid. Het vluchtverhaal van de familie vanuit Afghanistan komt uitgebreid aan de orde: sinds Misjka er is, vertellen haar ouders meer over hoe het gegaan is. Een vreselijk verhaal, te afschuwelijk om te bevatten. Zoveel kinderen maken dit nog steeds mee, elke dag. Het moet stoppen, maar hoe?
Edward van de Vendel en Anoush Elman schreven eerder samen De gelukvinder, een boek in de Slash-serie waarin een kinderboekenschrijver samen het levensverhaal van iemand opschrijft. In De gelukvinder gaat het over Hamayun, de broer van Roya. Anoush Elman heeft altijd contact gehouden met Edward van de Vendel en het verhaal over Misjka moest ook verteld worden. Daarom is dit boek er nu.
Door Boekwijzer ken ik The Fan Brothers: ze maken schitterende prentenboeken waarvan Oceaan en hemel op mij het meeste indruk maakte. Zo’n ontroerend eerbetoon aan de dood en rouwverwerking.
Wat een goed en interessant boek! Over een wereld waar je als ‘horende’ vaak geen weet van hebt: de wereld van de doven. Hoe is het om doof te zijn? Waar loop je tegenaan als tiener en wat zijn de verschillen in hoe de samenleving met doven omgaat tussen 70 jaar geleden en nu? Daar gaat het om in dit boek van het duo Cazemier & Letterie, die eerder ook al het concept van twee personages die beiden in een andere tijd opgroeien loslieten op twee jeugdboeken (Familiegeheim en Made by Indira).
Mary Lennox is een buitengewoon onaangenaam personage, verwend tot op het bot en totaal ongeïnteresseerd in de wereld om haar heen. Niet verwonderlijk als je ouders niet naar je omkijken en het de gewoonte is als rijk meisje om haar personeel bevelen te geven. We volgen Mary van haar oude woonplaats in India naar haar nieuwe voogd in Yorkshire; omdat haar ouders geen tijd meer hebben om voor haar te zorgen gaat ze wonen op een prachtig landgoed in een enorm huis. Maar ervan genieten kan ze er niet. Ze is een schriel, bleek kind zonder vlees op de botten en niets lijkt indruk op haar te maken.
Yoko wordt getroffen door de bliksem en als ze dit door een wonder overleeft, heeft ze een bijzondere steen in haar hand. De steen blijkt geneeskrachtige eigenschappen te hebben. Haar ouders duiken er bovenop: hier valt geld mee te verdienen! Als de mensen er lucht van krijgen dat ze met hun kwalen naar Yoko en haar steen kunnen, ontstaan er enorme rijen voor hun eenvoudige huisje. Voor Yoko is het zwaar: de hele dag mensen genezen put haar uit. Hoe lang kan dit nog doorgaan?
Het intrigerende verhaal dat Hans Hagen in Bliksemkind vertelt, is gebaseerd op een ware gebeurtenis in Jakarta: hierover kun je lezen op hanshagen.nl. Dit maakt het natuurlijk nog interessanter voor jonge lezers: dit soort dingen gebeurt dus echt! Mensen geloven de gekste dingen om maar te ‘genezen’. Het bekendste is natuurlijk de bedevaartplaats Lourdes. Waarom geloven mensen hierin? Wat betekent het voor een persoon of een plek om opeens heilig verklaard te worden?
Het verhaal van Yoko wordt op een bijzondere manier verteld. Niet alleen met prachtige paginavullende illustraties van Martijn van der Linden, maar ook door ieder hoofdstuk vanuit een ander perspectief te laten vertellen over wat er met Yoko gebeurt. En dat zijn niet alleen maar mensen! Ook de steen zelf, de bliksem, de vulkaan, een schaar en de rij voor Yoko’s huis komen aan het woord. Fantastisch vind ik dat! En inspirerend ook, ik zie helemaal voor me hoe je dit boek kunt inzetten om met kinderen in de klas een verhaal vanuit heel veel verschillende perspectieven te vertellen!
De manier van schrijven is ook bijzonder: poëtisch, met korte zinnen (die me doen denken aan de boeken van Lida Dijkstra) en veel witruimte. Dat leest erg prettig en geeft letterlijk ruimte: heel fijn voor kinderen die opzien tegen volle bladzijden tekst. Ik denk dat lezers vanaf 10 jaar het al goed zelfstandig kunnen lezen.
Wat een mooi en leerzaam boek. Hoe we als mensen zo graag in wonderen willen geloven en daar alles voor over hebben. Prachtig boek!