Liever een goede buur dan een verre vriend hoor je vaak. Ik weet niet of dat zo is, maar het is wel fijn om aandacht te hebben voor je directe omgeving. Zo hebben wij in onze buurt, waar ik al meer dan 18 jaar woon, een Buurtcultuurfestival. Één keer per jaar word je welkom geheten in de huiskamer van een aantal buurtgenoten, en daar delen zij waar zij zich mee bezighouden. Ze maken muziek, cabaret of kunst. Ze vertellen over hun bijzondere hobby, verzameling of liefhebberij. Ze hebben een bedrijf in kimchi, juridisch advies of autoverhuur. Het is elke keer weer verrassend, ontroerend of ronduit hilarisch wat je aantreft achter de voordeur van de ander. Ik doe elk jaar mee, en ik leer steeds weer nieuwe mensen kennen.
Nachtmerries. Het woord alleen al roept zoveel op. Angst, zweten, paniek, onrust, verdriet. Gelukkig heb ik ze niet vaak. Ik maak dan ook niet regelmatig traumatische dingen mee, en ik kies er vaak bewust voor om niet alle ellende die over je heen gestort wordt via tv en sociale media binnen te laten komen. Maar kinderen die uit een oorlog komen hebben ze des te vaker. Ze konden zich niet onttrekken aan de ellende, ze zaten er middenin. Tijdens het slapen verwerken je hersenen wat je hebt gezien. Dat is mooi, maar als je badend in het zweet wakker wordt is het doodeng: je weet even niet meer waar je bent en wat je kunt doen om van dat rotgevoel af te komen. Ik snap ook dat veel kinderen helemaal niet meer durven te gaan slapen.
Ik heb heel lang gedacht dat rouwen alleen maar met de dood te maken had. Maar toen ik ontdekte dat ik een chronische ziekte heb, gebruikte een arts een keer de term om mijn proces te typeren. Ik ben me gaan verdiepen in de betekenis van het begrip en er vielen veel dingen op z’n plek. Ik heb af en toe een kort lontje, ik voel me soms kwetsbaar en vraag me best vaak af: waarom overkomt mij dit? Allemaal dingen die genoemd worden in de ‘rouwchecklist’ in het boek dat ik gisteravond las: Dit is geen verdrietig boek (maar het is oké als je je wel zo voelt). Een bijzonder en hartverwarmend boek dat voor iedere lezer wel iets bevat wat je misschien nét nodig had.
Sinds de oorlog in Oekraïne uitbrak – of eigenlijk moet ik zeggen toen Rusland Oekraïne binnenviel in 2022, er is al sinds 2014 oorlog – zijn er veel Oekraïnse kinderen naar Nederland gevlucht. Het is al een hele tijd heel normaal dat veel schoolklassen een of meerdere Oekraïense kinderen in de klas hebben. Ze leerden Nederlands en maakten kennis met onze cultuur. Maar wat weten wij eigenlijk van de Oekraïense cultuur en geschiedenis? Daarvoor pak je dit bijzondere boek, dat verscheen bij uitgeverij Blauw Gras: Mooi boek over Oekraïne.
“We dragen allemaal de kaart van ons leven op onze huid, in de manier waarop we lopen, zelfs in de manier waarop we groeien.”
Isabella, de hoofdpersoon in Het meisje van inkt & sterren van Kiran Millwood Grave, leeft in een tijd en op een plaats die moeilijk te raden is. Het is in elk geval een eiland, waar ze nog nooit vanaf is geweest. De geschiedenis van het eiland is omgeven door mythes. Maar de overige werelddelen doen sterk denken aan de onze, met namen als Afrik en Euroop. Het zou kunnen dat dit verhaal zich afspeelt in het verre verleden, of juist in de toekomst.
Duidelijk is dat het leven op hun eiland, Joya, onzeker en grimmig is door het schrikbewind van de gouverneur. Hij houdt er strenge leefregels op na en de bewoners van het eiland mogen zich niet buiten het dorp waar ze wonen bewegen. Isabella is de dochter van een cartograaf. Zelf is ze ook goed in het vastleggen van haar omgeving met behulp van allerlei instrumenten, zoals het kompas, inkt en papier.
Als op een dag het bericht komt dat een klasgenootje van haar, Cata, spoorloos verdwenen is, wordt de sfeer in haar dorp nog grimmiger. De school gaat dicht. Isabella’s beste vriendin, Lupe, is de dochter van de gouverneur. Als zij hoort over Cata gaat ze er in haar eentje vandoor. En de gouverneur en zijn personeel gaan achter haar aan. Zonder goede kaartenmaker zijn ze echter niets, en dan komt Isabella – die zich voordoet als een jongen – goed van pas.
Wat volgt is een bloedstollende reis waarin je niets of niemand kunt vertrouwen. De sfeer is duister en angstaanjagend. De groep komt in allerlei dorpen op het eiland en treft daar sporen aan van een moordlustig wezen, die vele slachtoffers maakte. Wie of wat is dat wezen? En wat is hij van plan?
Het verhaal is spannend en bevat verwijzingen naar andere verhalen, zoals de Griekse mythologie (het labyrint) en The Hunger games. En het deed me op de een of andere manier ook denken aan de sfeer in Albatros van Yorick Goldewijk. Dood en verderf worden niet vermeden, het is geen verhaal voor tere kinderzieltjes. Daarom zou ik dit boek pas aanraden vanaf een jaar of 12, of als je zeker weet dat je kind dit aankan. Fans van de boeken van bijvoorbeeld Lucy Strange of Rima Orie kunnen hun hart ophalen met de prachtige vormgeving, de illustraties en de kaarten op het schutblad.
Kiran Millwood Hargrave schreef ook het boek Julia en de haai, over depressie bij een ouder en liefde voor de natuur. Dit is een heel ander boek, dat is wel goed om je te realiseren. Maar Millwood Hargrave bewijst met dit boek dat ze een zeer diverse schrijfster is. Ik ben benieuwd naar wat er nog meer van haar zal verschijnen!
OMG! Oh My Gravity! Wat een bijzonder boek! Dit verhaal pakt je vast en laat je niet meer los. En dat komt niet alleen omdat de verteller, Toni, je rechtstreeks aanspreekt in het boek, maar vooral omdat het zo levensecht is. Een klein verhaal over één nacht in een tent in de tuin, een walkietalkie en een radio en bergen snoep. Maar vooral over missen, héél erg hartverscheurend missen.
Slim van uitgeverij Blauw Gras: achterop Lilli van Sara De Martino staat dat dit boek aanbevolen wordt door Davide Morosinotto. Ik ben, en met mij velen, fan van zijn werk van het eerste uur. Dus als Davide Morosinotto iets aanraadt, dan zal het wel goed zijn… of… niet?
Ik las dit jaar op nationale Buitenleesdag, 28 juni 2026, het nieuwste boek van Rob Koops uit (bekend van de Oerbloed-trilogie). De Tijdkijker – De Romeinse kogel is het eerste deel van een nieuwe serie historische boeken die Koops zal gaan uitbrengen. Zoals de titel al verraadt gaan we in dit eerste deel naar de tijd van de Romeinen. En dat is spannend!
Wat een hartverwarmend boek is dit! En perfect voor in de vakantiekoffer, want het verhaal speelt zich helemaal af op een camping! Inge Besaris kende ik al van haar vorige boek, Takkenhoofd. Dat verhaal gaat over de opa van Sofie die langzaam dement wordt. Het is een ontroerend verhaal met een serieuze ondertoon.
Camping Beppe is wat luchtiger dan Takkenhoofd. Het gaat over Biko en zijn oma Jildou, die hij Beppe noemt. Het verhaal speelt zich namelijk af in Friesland. Beppe is een camping begonnen op het land bij haar boerderij toen haar man overleed. Biko’s moeder is vaak alleen op reis en hij wordt dus vooral opgevoed door zijn oma.
Het verhaal begint vlak voor het hoogseizoen. Er komen weer veel vaste gasten op de camping aan, waaronder veel vriendjes van Biko. Daardoor is altijd een gezellige boel. Maar dit jaar is het anders. De buurman van Beppe is wethouder en hij wil van het campingterrein een golfresort maken. De buurman zet alle middelen in om het Beppe zo moeilijk mogelijk te maken. Maar daar steken Biko en zijn vrienden een stokje voor!
Het verhaal is uitgebreid voorzien van vrolijke illustraties van de hand van Donna Kroese die de sfeer van het verhaal weten te pakken. Je wordt ook gewoon helemaal blij van de sfeer die er in het boek hangt. De personages zijn allemaal heel verschillend en interessant.
Maar het leukste vind ik de aandacht voor de Friese taal! In het verhaal staan best veel Friese woorden en zinnen, en achterin een uitgebreide woordenlijst! Op deze manier krijgen kinderen spelenderwijs iets mee van deze mooie taal.
Camping Beppe is geschikt vanaf 8/9 jaar en is verschenen bij Lemniscaat.
Vertaling Aleid van Eekelen-Benders, illustraties Angela Harding
“De herinnering aan de dag dat ze vertrok zit geloof ik nog in mijn hoofd maar die herinnering is alsof ik water probeer vast te houden in het kommetje van mijn handen en het voor mijn ogen wegsijpelt. Er zijn flarden van een vrouw die mijn hand vasthoudt en ik voel hoe mijn hele lichaam wordt weggetrokken door het tij van iemand die rent en mijn benen kunnen het niet bijhouden.”
Dit was weer zo’n boek waarin ik wilde blijven. Ik stelde het uitlezen zo lang mogelijk uit. Omdat ik bij Oktober wilde blijven, het meisje dat ik leerde kennen en dat mijn hart binnendrong. Een meisje dat een heftig jaar beleeft waarin ze zichzelf beter leert kennen en haar wereld langzaam groter wordt.