Zelf lezen

Vanaf hier kun je de hele wereld zien – Enne Koens

De wereld van Dee is klein en veilig. Ze kent iedereen in de flat waar ze woont, haar twee beste vrienden wonen dichtbij. Ze kent de slager, de postbode, de oudste bewoner. Maar ze weet eigenlijk heel weinig over zichzelf en de wereld die ze kan zien vanaf de hoogste verdieping.

Doorgaan met lezen “Vanaf hier kun je de hele wereld zien – Enne Koens”
Zelf lezen

Jij mag alles zijn – Griet op de Beeck

“Is het erger om gewoon altijd alleen te zijn en je niets anders te herinneren? Of is het erger dat er ooit iemand was die van je hield en dat je die dan kwijtraakt?”

Lexi (9 jaar), de hoofdpersoon in het nieuwste boek van Griet op de Beeck, is een dapper, maar ook tragisch personage. Een kind dat in een situatie is gekomen die pedagogisch niet helemaal verantwoord is. Haar moeder wordt opgenomen in een kliniek omdat ze niet met de rouw om kan gaan die haar overviel nadat het tweelingbroertje van Lexi, Amos, is overleden. De vader van Lexi kan de zorg voor zijn dochter niet alleen aan en brengt haar voor onbepaalde tijd naar zijn zus, tante Arizona.

Doorgaan met lezen “Jij mag alles zijn – Griet op de Beeck”
Zelf lezen

Jakob en de zeven gevaren – Jacques Vriens

Een boterham met tevredenheid, levertraan, tbc, telegrammen, muziek uit een pick-up en bellen in een telefooncel. Veel dingen die heel gewoon waren voor kinderen in de jaren ‘50 kennen we nu niet meer. Door het heerlijke nieuwe boek van Jacques Vriens ben je eventjes in een heel andere tijd: de tijd van vlak na de Tweede Wereldoorlog.

Doorgaan met lezen “Jakob en de zeven gevaren – Jacques Vriens”
Voorleesboeken, Zelf lezen

Etters en letters – Frederick Deloddere

Dyslectische mensen zijn creatief, vindingrijk, kunnen goed improviseren en hebben een sterke intuïtie. Zomaar wat bijzondere eigenschappen die je niet direct associeert met een kind in de klas die de ene na de andere spelfout maakt. Toch is het goed om dat kind nog eens goed te observeren: hij of zij voelt zich onzeker en anders dan de andere kinderen omdat hij niet kan wat iedereen lijkt te kunnen: foutloos lezen en schrijven. Met de intelligentie van een kind met dyslexie is echter niks mis. Hij of zij verwerkt informatie alleen op een andere manier in het brein.

Doorgaan met lezen “Etters en letters – Frederick Deloddere”
Zelf lezen

Aan tranen heb je toch niks – Espen Dekko

Een boek dat de dood ademt zonder dat het te zwaar wordt. Een troostrijk boek voor kinderen die rouwen om een dierbare. In het boek wordt door de 11-jarige hoofdpersoon die in de zomer bij haar opa en oma logeert nadat haar vader is overleden, meermaals de ingewikkelde vraag gesteld: waarom gaat iedereen om me heen dood? De dood is altijd aanwezig in het leven: een bruinvis die aanspoelt, een kat die dode kittens ter wereld brengt. Het is verdrietig, maar je moet ermee leren omgaan. Dit boek helpt daarbij en het is prachtig geschreven. Rustig, langzaam, met zinnen die je nog een keer wilt lezen.

Prentenboeken, Zelf lezen

Het mysterie van het steenhouwertje – Thé Tjong-Khing

Wist jij dat we in Nederland onze eigen Sagrada familia hebben? De kathedraal die 125 jaar na de bouw nog steeds niet helemaal af is? (Ik wist het ook niet :)) Het is de KoepelKathedraal in Haarlem, een bijzonder bouwwerk waar veel te zien en te ontdekken is.

Het nieuwste boek van Thé Tjong-Khing maakte hij in samenwerking met de KoepelKathedraal en is een spannend verhaal over een achtervolging, maar ook een tocht langs verschillende werkzaamheden in een kathedraal. Verschillende beroepen komen langs: schilder, restaurateur, opzichter of orgelbouwer.

Terwijl Markus op jacht gaat naar het kleine grijze mannetje die een robijn stal, komt hij langs verschillende vertrekken in de kathedraal. Op paginagrote spreads is veel te bekijken in de heerlijke illustraties van Thé Tjong-Khing. Juist de details en de specifieke begrippen die horen bij een gebouw als dit (koor, dwarsschip, mozaïek, plebanie, monstrans) maken het tot een rijk boek, waar jonge lezers wel wat uitleg van een ouder of leerkracht bij kunnen gebruiken.

Het is eigenlijk een leeftijdsloos boek. Ook voor volwassenen is er veel te leren en te bekijken. Vooral als je in Haarlem woont en weleens in de kathedraal bent geweest, is het vast een feest van herkenning.

Maar ook als je niet in de gelegenheid bent om déze kathedraal te bezoeken is het een waardevol boek voor bij het thema beroepen of gebouwen/architectuur. Op kinderboeken.nl is een mooie lesbrief bij het boek te vinden!

Graphic novel, Informatief, Zelf lezen

Rekenen voor je leven

Rekenen voor je leven – Edward van de Vendel & Ionica Smeets, met tekeningen van Floor de Goede

Een boek waar ik al een hele tijd naar uit keek: eindelijk is het er! Een uniek boek over rekenlessen die over het echte leven gaan. Over een schoolklas zoals zovelen, maar met een juf en een meester die het anders willen doen: zonder rekenboek (nou ja, voor de helft dan) en met elke week een rekenvraag van een kind in de klas.

Ondertussen leer je de klas kennen: Roos en Romée zijn verliefd op dezelfde jongen, Patrick wil van voetbal af en Sven wil wat minder onopvallend worden. De kinderen bedenken steeds een vraag die bij hun eigen leven en karakter past. Daardoor is het heel afwisselend en blijf je nieuwsgierig naar de volgende vraag.

De rekenvragen worden steeds door Floor de Goede in stripvorm uitgelegd en dat leest zo leuk! Zijn tekeningen zijn erg grappig en worden vergezeld van uitlegblokjes, bijvoorbeeld over het uitrekenen van het gemiddelde of het vereenvoudigen van breuken.

Leuk is ook dat het boek echt met het schooljaar meegroeit. Het begint bij de start van het schooljaar, bijna halverwege komt er een sinterklaasgedicht en aan het eind is het weer zomer. De hoofdstukken over de kinderen die hun vraag bedenken zijn heel geschikt om voor te lezen. Een strip voorlezen is lastiger, je zou dit op het digibord kunnen laten zien of de kinderen in groepjes het laten lezen.

Rekenen voor je leven wordt vast ook een klassieker. Ik vind het verplichte kost voor alle leraren in Nederland. Rekenen is, net alsof taal, overal en het is belangrijk dat kinderen herkennen waar ze het voor nodig hebben: als er korting is in een kledingwinkel, als je naar de sterren aan het turen bent of wilt weten welk cijfer je moet halen om nog een voldoende te staan…

Wat het rekenwiskunde-aspect betreft kan ik het niet goed beoordelen, maar ik denk dat dat wel snor zit met co-auteur en wiskundemeisje Ionica Smeets. Net als leesonderwijs mag ook het rekenonderwijs meer over het echte leven gaan: een aanbeveling voor alle (aankomende) leraren!

Mijn persoonlijke ervaring met rekenen en rekenonderwijs

Rekenen is niet mijn vak, ik ben veel beter met letters dan met cijfers. En ik vind het dan ook vooral heel leuk om te lézen over rekenen. De logica, de verklaringen en de theorie: daar smul ik van. Op de pabo deed ik ook de montessori-opleiding en daarin zit veel rekenen, want je moet veel met montessorimateriaal kunnen werken zoals het vermenigvuldigbord en de breukencirkels. Concreet maken van bewerkingen werkt voor veel mensen goed en zeker voor mij: als je het voor je ziet kun je het beter begrijpen.

Dit boek deed me denken aan een andere klassieker die ik heb verslonden toen ik op de pabo zat: De telduivel van Hans Magnus Enzensberger. Dit boek verscheen in 1997 en was dus vrij nieuw toen ik het kocht rond 2001. Het is een fantasieverhaal over een jongen die in zijn dromen steeds bezocht wordt door de Telduivel, die hem ingewikkelde wiskundige vraagstukken voorlegt die hij simpel uitlegt, zoals machtsverheffen en driehoeksgetallen. In dit boek staan ook mooie tekeningen, maar het is ook best pittige materie, en juist dat gegeven maakt het tot iets mysterieus voor mensen die een beetje bang zijn voor wiskunde (maar het ook intrigerend vinden), zoals ik.

Zelf lezen

Onze lange reis met het hoofd in de koffer – Marlene Rebel & Lucinda Vos

Precies een jaar geleden las ik op dezelfde plek – een vakantiehuisje in Noord-Holland – het eerste boek van het duo Marlene Rebel en Lucinda Vos: Leeuw met strepen. Van dat boek was ik onder de indruk, en ook het nieuwste boek – Onze lange reis met het hoofd in de koffer – is weer een enorme aanrader voor iedereen die van spannende sfeervolle avonturen houdt!

Drie kinderen en een aapje maken een lange reis met een hoofd in een koffer – een écht hoofd in een koffer? Ja echt! Het is het nagemaakte wassen hoofd van de moeder van een van de kinderen, dat altijd gebruikt werd voor een circusact met een zwevend hoofd. Vind je dit al gek? Nou, dan staat je nog veel meer mafs te wachten in dit boek! Het speelt zich af in een andere tijd, een tijd waarin circuskinderen nog niet naar school hoefden en waarin er nog met guldens werd betaald.

De zusjes Matje en Kee zijn wezen en ze werden jaren geleden opgevangen door de nukkige en gewelddadige Bonker: hij bood hen een slaapplek in zijn schip aan in ruil voor hun optredens in de poppenkast. Puf is de zoon van Bonker en hij kan niet praten, maar laat goed merken dat hij geen goede band met zijn vader heeft. De drie kinderen zijn het gewend om circuskinderen te zijn, maar ze dromen van een reis naar Amerika, het land waar de ouders van Matje en Kee (die door een ongeluk om het leven zijn gekomen) altijd naartoe hebben gewild.

Op een dag is er brand in een van de circustenten en Matje krijgt de schuld in haar schoenen geschoven. Matje, Kee, Puf en aapje Toets besluiten te vluchten. Ze nemen de geheimzinnige koffer mee met daarin het hoofd; later blijkt dat er nog veel meer nuttigs in zit! De kinderen ondernemen een spannende reis langs een trekschuit, een stoomtrein en verschillende herbergen om uiteindelijk in Amsterdam aan te komen. Wat daar gebeurt verklap ik echt nog niet!

Het leest als een heerlijk avontuur met dappere maar soms ook onhandige personages. Kinderen kunnen zich makkelijk met hen identificeren, ook al speelt het niet in onze tijd. De beschrijving van verschillende details en spannende gebeurtenissen maken het tot een heerlijke leeservaring.

Wil je meer roadtrip-achtige verhalen lezen? Lees dan na dit boek eens Het mysterieuze horloge van Walker & Dawn, waarin vier kinderen een spannende reis maken door Amerika.

Ik hoop dat dit boek veel lezers zal trekken, ik raad het in ieder geval van harte aan. Ik ontving van Billy Bones een recensie-exemplaar. Meer info? Kijk op de website van Billy Bones

Zelf lezen

Het meisje dat kon vliegen – Victoria Forester

Wat een verrassend boek! Na het lezen van de achterkant zijn de verwachtingen hooggespannen: dit boek won al drie belangrijke kinderboekenprijzen waaronder de Bank Street Best Children’s Book of the Year (deze prijs richt zich met name op diversiteit in kinderboeken) en was bovendien genomineerd voor drie andere prijzen.

En ik kan zeggen: alle verwachtingen worden waargemaakt! De cover verraadt nog niks over de inhoud, ondanks dat het een prachtige illustratie is, maar aan de binnenkant ontvouwt zich een sprankelend en magisch verhaal voor de liefhebbers van Nevermoor, De bijzondere kinderen van mevrouw Peregrine en het deed me zelfs denken aan het bijzondere Iep van Joke van Leeuwen.

Piper wordt geboren in een ‘gezin’ dat niet meer had verwacht een kindje te krijgen. Ondanks dat is ze meer dan gewenst. Maar er is iets vreemds met Piper aan de hand, ze kan namelijk vliegen. Dit ‘talent’ willen haar ouders verborgen houden voor de buitenwereld, uit angst voor pesterijen en ongemakkelijke situaties.

Als er een uitzondering wordt gemaakt gaat het direct mis: bij een sportwedstrijd waar Piper aan mee mag doen, vangt ze een bal terwijl ze in de lucht zweeft. Dan gaat het balletje heel snel rollen: de hele wereld krijgt er lucht van dat er een bijzonder meisje is dat echt kan vliegen. Gelukkig is daar dan dokter Hellion, die haar komt redden en haar naar een hele bijzondere plek brengt waar ze gelijkgestemden ontmoet.

De achterflap verklapt veel meer (wat ik zonde vind, want het duurt tot de helft van het boek totdat je hier achter bent), daarom ga ik nog even door: deze bijzondere plek blijkt een hel: de ‘dokter’ probeert hier alles wat vreemd en anders is te genezen, van eencelligen, planten, insecten, dieren tot aan mensen. Kan Piper ontkomen aan dokter Hellion?

“We zijn net ratten in een doolhof en de enige manier om eruit te komen is normaal te worden.”

Het is een magische wereld die geweldig filmisch wordt omschreven. Zo geloofwaardig dat je de karakters echt leert kennen. En tegelijk zo lekker griezelig dat je blij bent dat je een aantal van de wezens niet in het echt kunt tegenkomen.

Een aanrader van kinderen die houden van de mix van fantasy en de ‘echte wereld’. Het boek bevat een belangrijke boodschap: iedereen mag er zijn, hoe ‘bijzonder’ je ook bent. Prachtig boek!

Dit boek is overigens het debuut van Victoria Forester. Het verscheen al in 2008 in het Engels. The Boy Who Knew Everything (2015) en The Girl Who Fell Out of the Sky (2020) zijn nog niet vertaald in het Nederlands, maar zijn het vervolg op dit eerste boek. Kom maar op met die vertalingen, Leopold!