Het nieuwste boek van Anna Woltz is verrassend… spannend! De verwachtingen zijn altijd hoog van deze voortreffelijke schrijfster, die alleen maar steengoede boeken lijkt af te kunnen leveren (met als hoogtepunt, wat mij betreft: De tunnel). En deze keer waagde Woltz zich aan een detective én een tijdreis, in één verhaal!
Dit boek, dat al in 2017 voor het eerst in het Nederlands verscheen, viel mij het afgelopen jaar ineens op. De schitterende cover door Jon Klassen en de intrigerende tekst op de achterflap maakten mij nieuwsgierig. En toen las ik dat uitgeverij Pelckmans het boek opnieuw uit ging brengen in april 2026. Ik las het boek in het paasweekend en het verhaal liet mij niet onberoerd. Pax is een ontroerende getuigenis van een oorlog door de ogen van een jongen en een vos, die, van elkaar gescheiden, beiden hun eigen strijd doormaken.
Hét gat. Als je geen kinderen in de basisschoolleeftijd om je heen hebt, heb je geen idee waar dit over gaat. Vanaf een jaar of 6 gaan kinderen naar zwemles. Een heel belangrijk én superspannend onderdeel is het zwemmen door een gat: een groot zeil onder water waar een gat in zit. Ik weet nog dat mijn kinderen daar ook zenuwachtig over waren: lukt het om er doorheen te zwemmen?
Mariska Overman denderde de wereld van de jeugdliteratuur binnen met twee boeken die enorm veel indruk maakten: De zomer die alles was en Duizend stukjes overal. Haar unieke vertelstem werd direct herkend door het lezende publiek, en ze won dan ook een Zilveren Griffel voor haar debuut De zomer die alles was. Nu is dan haar derde boek verschenen: Wolfke. Een verhaal dat net even anders is dan haar vorige, voor iets jongere lezers, maar met dezelfde magie op elke pagina. Ik heb genoten van dit gelaagde verhaal, dat ontzettend goed in elkaar zit.
Mats Strandberg is een Zweedse schrijver die mij wist te verrassen met het bijzondere boek Pestbloemen. Een duister en intrigerend verhaal. Daarom was ik erg nieuwsgierig naar zijn nieuwste boek: Het einde.
Coverillustratie Mark Janssen, vertaling Pauline Michgelsen
Klein wonder gaat over de twee kinderen Tick (10) en Leaf (5 jaar), die bij hun grootvader opgroeien. Ze zijn geen broers en ze weten niet precies waar ze vandaan komen. Maar ze hebben een veilige, warme plek in het land Ellia samen met hun sterke paard Kiezel. Grootvader is al een tijdje geleden overleden en nu moeten ze zich alleen zien te redden. Het verhaal begint als Tick in de verte op zee de schepen ziet van het volk van De Drenen, hun vijanden. Grootvader heeft altijd gezegd: als de Drenen komen, moet je vluchten. En dan ziet Tick ook nog een Jager, een levensgevaarlijke rover die voor de Drenen uit gaat om alvast zoveel mogelijk mensen uit de weg te ruimen.
Wat volgt is een tocht waarin twee jonge kinderen moeten vluchten voor hun leven, naar de Koningsburcht, een plek waar de Drenen niet kunnen komen. Tick verzamelde eigenlijk geheel toevallig waardevolle informatie waardoor hij en Leaf kunnen overleven. Tick is een slim en oplettend jongetje, die op het juiste moment het goede doet, en over het lot beslist van zijn geliefde land.
“‘Ik zal je mijn verhaal vertellen. Je gelooft het niet, dat zei ik al. Maar áls je het gelooft, dan beloof ik je: daarna kun je alles aan.’”
Dit boek is een bizarre trip. Je wordt heen en weer geslingerd tussen met open mond lezen en zo snel mogelijk de bladzijden om willen slaan. En je denkt de hele tijd: wat gebeurt hier? Niemand lijk je te kunnen vertrouwen in dit verhaal over een verdwenen vader, kartonnen gevels en zwijgzame familieleden. Er wordt meer niet gezegd dan wél. En daar moet je het dan maar mee doen.
Kelly van Kempen kennen we natuurlijk al van haar series over De VriezelsenDe sterrensteen, verschenen bij uitgeverij Billy Bones. Maar voor haar laatste boek, Hotel Zweefkees, maakte ze de overstap naar uitgeverij Lemniscaat. Het werd luxe uitgegeven in een iets groter formaat, met aantrekkelijke illustraties van Marieke Nelissen. Dit boek is wat mij betreft de definitieve doorbraak van Van Kempen in kinderboekenland, ze heeft haar stijl gevonden.
Trouwe volgers weten dat ik fan ben van het werk van Tiny Fisscher (en ze is ook nog eens een heel leuk mens, weet ik nadat ik met haar in een jury heb gezeten!) Ik heb heel veel van haar boeken gelezen, ben onder de indruk van de diversiteit van haar oeuvre.
Maar de hertalingen van klassiekers (zoals Oliver twist, Sindbad de zeeman en Alleen op de wereld) hebben toch echt mijn voorkeur. Het komt door mijn voorliefde voor klassieke verhalen: ik vind het zo mooi hoe zij deze verhalen doorgeeft voor een volgende generatie met een frisse nieuwe stijl. En nu is daar weer een nieuwe hertaling: deze keer die van Alice in Wonderland!
Bart Moeyaert is een bijzondere kinderboekenschrijver: zijn oeuvre is divers en verrassend, literair en tegelijk toegankelijk. Mijn lievelingsboek van hem is Morris de jongen die de hond vond, een boek over sneeuw en een hond die zijn eigen gang gaat, voor jonge lezers.
Ook zijn nieuwste boek, Atman!, is weer geschikt voor beginnende lezers. De ruime bladspiegel, grote letters en vele illustraties maken het tot een geschikt leesboek vanaf groep 4. Maar ook als voorleesboek is het heel fijn! De tekst leest als een lang gedicht, met een heerlijk ritme en veel vaart. En je wordt als lezer steeds verrast door de gekke wendingen in het verhaal.