“Toch, en dat wist ze zeker, zou ze nooit iets anders doen dan haar nieuwsgierigheid volgen. En eens zou het haar ergens anders brengen, die nieuwsgierigheid. Ergens waar anderen niet zouden kunnen komen.”
Deze raadselachtige zin vat voor mij samen waar het in Films die nergens draaien, het nieuwste boek van Yorick Goldewijk (bekend van Billy Extra Plankgas), om gaat: nieuwsgierigheid. Hoofdpersoon Cato verloor bij haar geboorte haar moeder en sindsdien is haar vader een saaie, nietszeggende persoon geworden. Ze hebben nauwelijks contact en hij haalde Cornelia het huis binnen, de bemoeizieke buurvrouw die het leven van Cato nog ellendiger maakt.
De wereld van Dee is klein en veilig. Ze kent iedereen in de flat waar ze woont, haar twee beste vrienden wonen dichtbij. Ze kent de slager, de postbode, de oudste bewoner. Maar ze weet eigenlijk heel weinig over zichzelf en de wereld die ze kan zien vanaf de hoogste verdieping.
Een boterham met tevredenheid, levertraan, tbc, telegrammen, muziek uit een pick-up en bellen in een telefooncel. Veel dingen die heel gewoon waren voor kinderen in de jaren ‘50 kennen we nu niet meer. Door het heerlijke nieuwe boek van Jacques Vriens ben je eventjes in een heel andere tijd: de tijd van vlak na de Tweede Wereldoorlog.
Dyslectische mensen zijn creatief, vindingrijk, kunnen goed improviseren en hebben een sterke intuïtie. Zomaar wat bijzondere eigenschappen die je niet direct associeert met een kind in de klas die de ene na de andere spelfout maakt. Toch is het goed om dat kind nog eens goed te observeren: hij of zij voelt zich onzeker en anders dan de andere kinderen omdat hij niet kan wat iedereen lijkt te kunnen: foutloos lezen en schrijven. Met de intelligentie van een kind met dyslexie is echter niks mis. Hij of zij verwerkt informatie alleen op een andere manier in het brein.
Een boek dat de dood ademt zonder dat het te zwaar wordt. Een troostrijk boek voor kinderen die rouwen om een dierbare. In het boek wordt door de 11-jarige hoofdpersoon die in de zomer bij haar opa en oma logeert nadat haar vader is overleden, meermaals de ingewikkelde vraag gesteld: waarom gaat iedereen om me heen dood? De dood is altijd aanwezig in het leven: een bruinvis die aanspoelt, een kat die dode kittens ter wereld brengt. Het is verdrietig, maar je moet ermee leren omgaan. Dit boek helpt daarbij en het is prachtig geschreven. Rustig, langzaam, met zinnen die je nog een keer wilt lezen.
Wist jij dat we in Nederland onze eigen Sagrada familia hebben? De kathedraal die 125 jaar na de bouw nog steeds niet helemaal af is? (Ik wist het ook niet :)) Het is de KoepelKathedraal in Haarlem, een bijzonder bouwwerk waar veel te zien en te ontdekken is.
Het nieuwste boek van Thé Tjong-Khing maakte hij in samenwerking met de KoepelKathedraal en is een spannend verhaal over een achtervolging, maar ook een tocht langs verschillende werkzaamheden in een kathedraal. Verschillende beroepen komen langs: schilder, restaurateur, opzichter of orgelbouwer.
Terwijl Markus op jacht gaat naar het kleine grijze mannetje die een robijn stal, komt hij langs verschillende vertrekken in de kathedraal. Op paginagrote spreads is veel te bekijken in de heerlijke illustraties van Thé Tjong-Khing. Juist de details en de specifieke begrippen die horen bij een gebouw als dit (koor, dwarsschip, mozaïek, plebanie, monstrans) maken het tot een rijk boek, waar jonge lezers wel wat uitleg van een ouder of leerkracht bij kunnen gebruiken.
Het is eigenlijk een leeftijdsloos boek. Ook voor volwassenen is er veel te leren en te bekijken. Vooral als je in Haarlem woont en weleens in de kathedraal bent geweest, is het vast een feest van herkenning.
Maar ook als je niet in de gelegenheid bent om déze kathedraal te bezoeken is het een waardevol boek voor bij het thema beroepen of gebouwen/architectuur. Op kinderboeken.nl is een mooie lesbrief bij het boek te vinden!
Janneke Schotveld met illustraties van Noëlle Smit
Een knallende cover trekt meteen je aandacht: een nieuw boek van Janneke Schotveld, met fabels deze keer!
Fabels zijn dierenverhalen, maar dan wel heel bijzondere, want ze bevatten altijd een wijze les (eerlijk duurt het langst, wie het laatst lacht lacht het best, wie wat bewaart die heeft wat – dat soort lesjes). Dingen die wij mensen eigenlijk wel weten, maar vaak weer vergeten omdat we verblind worden door machtswellust of ijdelheid. Dieren moeten ons vertellen hoe we ons dienen te gedragen.
Fabels zijn natuurlijk al heel oud. Een groot deel van de fabels in deze bundel is gebaseerd op de bestaande fabels van Jean de la Fontaine (1621-1695). Maar Janneke Schotveld schreef ook gloednieuwe fabels, zoals De eekhoorn legt een ei.
Het is een fantastisch voorlees- en zelflees-boek geworden voor kinderen vanaf 6 jaar. Mijn dochter van 15 las een fabel voor aan haar nichtje van 6, en die vond het leuk en grappig. Toevallig was het het eerste verhaal in het boek, over de vele vrienden van Haas, die erachter komt dat vrienden op je telefoon niet altijd echte vrienden zijn die je komen helpen als je in nood bent. Best passend bij de generatie 15-plussers die de hele dag aan Snapchat vastgeplakt zitten. Ook voor hen is de boodschap in de fabel best relevant.
Kortom, ik vind het een geweldige bundel. De schrijfstijl van Schotveld is soepel en leest heerlijk. Ze neemt de lezer serieus en gebruikt gewoon lastige woorden. Onveilig leren lezen, lezen zonder zijwieltjes! En wat een geweldige paginagrote illustraties! Perfect geschikt als voorleesboek in groep 3, 4 en 5 – de fabels zijn niet te lang en je kunt er lekker na afloop nog even over doorpraten. (Bij Gregorius de krekel: vind jij ook dat je altijd naar je ouders moet luisteren? Of bij De kok die zijn kat (bijna) slachtte: moeten alle mensen eigenlijk vegetariër worden?)
Heb jij al zin om het te lezen? Ben jij ook fan van Janneke Schotveld?
Roljoch is het kinderboekendebuut van Maarten Kuipers, auteur, reclamemaker, liedjesschrijver (o.a. voor Sesamstraat) en muzikant. Hij schreef een spannend boek, geschikt voor lezers vanaf 7/8 jaar die wel houden van een beetje vaart en onverwachte gebeurtenissen.
Mats heeft dikke pech. Zijn vader zit in de gevangenis (en hij komt niet te weten waarom) en nu woont hij bij de nieuwe vriend van zijn moeder: Windolf. Hij is een rijke patser die erg onaardig tegen Mats doet. Op de dag dat Mats zijn vader in de gevangenis zou bezoeken, gaat zijn moeder op zakenreis. Mats wil echt naar zijn vader toe en vertrouwt er niet op dat Windolf hem wel zal brengen: hij besluit zelf de spiksplinternieuwe sportwagen van Windolf te pakken. Autorijden heeft hij geleerd via YouTube en met zijn rolschaatsen aan kan hij nét bij de pedalen.
Omdat het nog midden in de nacht is, valt het eerst nog niemand op dat een klein jongetje achter het stuur zit. Maar uiteraard blijft het niet onopgemerkt. Het ene maffe voorval volgt op het andere. Mats ontdekt uiteindelijk dat zijn vader ten onrechte in de gevangenis zit. En zijn moeder komt erachter dat ze weg moet wezen bij die nare Windolf.
Een heerlijk avontuur dus! Het deed me denken aan een krantenartikel over een 8-jarig jongetje dat zijn zusje naar de McDonalds reed (zie foto’s): dit spreekt natuurlijk enorm tot de verbeelding!
Brenda Froyen en ik zijn collega’s – we werken allebei op een pabo als taaldocent – alleen woont zij in België en ik in Nederland. Brenda schreef al meerdere boeken voor volwassenen, maar afgelopen juni verscheen haar kinderboek Een jaar met WiFi.
Een boek met 25 korte verhalen over het gezin van Brenda, gebaseerd op echte gebeurtenissen. De drie broers wilden een hond en hun ouders vonden het goed. En toen kwam WiFi in hun leven. WiFi komt uit Nederland, maar woont nu in België en hij begrijpt dus geen ‘Belgisch’. Op een grappige manier wordt er aandacht besteed aan de verschillen tussen Nederland en België, en aan alle avonturen die je beleeft als een jonge pup bij je in huis komt wonen.
Heerlijk geschreven vanuit het perspectief van Zen, die zo heet omdat zijn ouders na twee zoons wel wat rust wilden. Maar Zen is niet zo rustig, “‘we hadden je beter Storm genoemd,’ zei papa soms.” Geschikt vanaf 8 jaar.
De tekeningen van Marloes de Vries zijn trouwens fantastisch. Precies de goede sfeer, passend bij de verhalen.
Geïllustreerd door Ingrid & Dieter Schubert, vertaald door Linda Bertens
Ik kende dit boek nog niet, maar het komt direct in mijn top 10 van bijzondere boeken over dood en rouw. Wat een fijne sfeer, heldere taal en schitterende illustraties. Aanrader.