Zelf lezen

Wie achter deze deur verdwaalt – Rindert Kromhout & Tonke Dragt

Een bijzondere samenwerking, gebaseerd op een idee van zo’n veertig jaar geleden, resulteerde in dit bijzondere, hartverwarmende verhaal dat opgeschreven is door Rindert Kromhout, maar afkomstig is uit het nog altijd levendige brein van Tonke Dragt (91 jaar!).

Doorgaan met lezen “Wie achter deze deur verdwaalt – Rindert Kromhout & Tonke Dragt”
Zelf lezen

Olivia en ik – Joke Reijnders

Een boek waarin een overleden meisje, Cornelia, haar verhaal vertelt over het ‘hiernamaals’ op begraafplaats de Lindeheuvel. Zij is daar al sinds 1891 en maakte mee dat er vele nieuwe bewoners kwamen.

Op een dag is daar Olivia. Ze is ongeveer even oud als Cornelia is geworden en Cornelia gelooft dat ze vriendinnen kunnen worden. Olivia worstelt echter met haar plotselinge, te vroege dood. Cornelia wil haar helpen om het te verwerken.

Een ongebruikelijk boek. Een wonderlijk verhaal, je zou denken somber, maar het is toch ook troostend. Als je iemand hebt verloren hoop je misschien hem/haar nog te ‘voelen’, een signaal te krijgen. Het werpt vragen op over wat er is na de dood. Ik vond de schrijfstijl luchtig en het verhaal interessant en ontroerend. Geschikt vanaf 10 jaar ongeveer. Bijzonder boek!

Zelf lezen

Drakenstorm: de drakenleerling – Alastair Chisholm

Draken: ze spreken tot de verbeelding, net als eenhoorns en zeemeerminnen. In veel kinderboeken komen magische figuren voor, maar het ene boek is wel echt beter geschreven dan het andere. Het boek dat ik deze week las, Drakenstorm, vind ik erg sterk in zijn soort, omdat het een spannend en rond verhaal is met een goed plot en interessante karakters.

Een echte aanrader voor lezers vanaf een jaar of 8, die zelfstandig een spannend verhaal willen kunnen lezen. Er zullen vast nog meer delen volgen en serie-lezen werkt enorm motiverend!

Doorgaan met lezen “Drakenstorm: de drakenleerling – Alastair Chisholm”
Zelf lezen

De nachtlantaarn – Lisa Thompson

Wat een ontroerend en bijzonder boek. Over de gevoelige puber Nathan, zijn moeder die bijna het hele verhaal afwezig is (en Nathan die niet weet waar ze is) en Gary, zijn stiefvader waarvoor ze gevlucht zijn en die gelukkig Nathan niet kan vinden, maar die wel voortdurend in zijn hoofd spookt.

De angst voor een gewelddadige stiefvader, die niet zit te wachten op een stiefzoon, die zijn vriendin behandelt met minachting en als oud vuil: je voelt het in het hele boek. Het is geen vrolijk verhaal, maar lichtpuntjes zijn er wel, letterlijk: het denkbeeldige vriendje Sam, die Nathan helpt als hij alleen is en onzeker over waar zijn moeder is gebleven.

Ik ben ervan onder de indruk. Ik ga meer van Lisa Thompson lezen. Het vrolijke omslag zet je op het verkeerde been: dit boek zet je aan het denken. Over ouderschap, huiselijk geweld, veiligheid voor kinderen. Lezen, dit boek!

Voorleesboeken, Zelf lezen

De wonderbaarlijke reis van Edward Tulane – Kate DiCamillo

Een groot porseleinen konijn maakt een wonderbaarlijke reis. Hij kan niet bewegen, maar kan zien en horen en heeft zelfs gevoelens. Hij vindt zichzelf heel wat, maar beseft zich gaandeweg dat hij geheel afhankelijk is van anderen. Hij moet nederig zijn. En dat wordt hij. Van een liefhebbend meisje belandt hij op de bodem van de zee en daarna nog op heel veel andere plekken. Een weergaloos avontuur met in de hoofdrol een niet eens zo’n sympathieke hoofdpersoon. Toch sluit je hem in je hart.

Het verhaal deed me denken aan Iep van Joke van Leeuwen, waarin weliswaar een levend wezen, een vogelmeisje, voorkomt; de nieuwe ‘ouders’ doen denken aan alle eigenaren van Edward die hem op een of andere manier zien als ‘hun kind’. Of Monkie van Ingrid en Dieter Schubert: het verhaal van een knuffel die van de fiets valt en in de natuur terecht komt, en uiteindelijk bij een poppendokter. En natuurlijk Pinokkio, het klassieke verhaal, eindeloos inspirerend.

Hoe een pop of een wezen tot leven kan komen voor kinderen. Hoe mooi de fantasie is, de verbeelding en ons voorstellingsvermogen. Daar gaat dit prachtige verhaal over. Dankjewel Bas Maliepaard dat je ons op dit boek attendeerde. Het is té bijzonder om niet meer uit de kast te pakken. En de tekeningen! Zo teer, fijn, gedetailleerd en zó passend bij dit verhaal.

Zelf lezen

Films die nergens draaien – Yorick Goldewijk

“Toch, en dat wist ze zeker, zou ze nooit iets anders doen dan haar nieuwsgierigheid volgen. En eens zou het haar ergens anders brengen, die nieuwsgierigheid. Ergens waar anderen niet zouden kunnen komen.”

Deze raadselachtige zin vat voor mij samen waar het in Films die nergens draaien, het nieuwste boek van Yorick Goldewijk (bekend van Billy Extra Plankgas), om gaat: nieuwsgierigheid. Hoofdpersoon Cato verloor bij haar geboorte haar moeder en sindsdien is haar vader een saaie, nietszeggende persoon geworden. Ze hebben nauwelijks contact en hij haalde Cornelia het huis binnen, de bemoeizieke buurvrouw die het leven van Cato nog ellendiger maakt.

Doorgaan met lezen “Films die nergens draaien – Yorick Goldewijk”
Voorleesboeken, Zelf lezen

Etters en letters – Frederick Deloddere

Dyslectische mensen zijn creatief, vindingrijk, kunnen goed improviseren en hebben een sterke intuïtie. Zomaar wat bijzondere eigenschappen die je niet direct associeert met een kind in de klas die de ene na de andere spelfout maakt. Toch is het goed om dat kind nog eens goed te observeren: hij of zij voelt zich onzeker en anders dan de andere kinderen omdat hij niet kan wat iedereen lijkt te kunnen: foutloos lezen en schrijven. Met de intelligentie van een kind met dyslexie is echter niks mis. Hij of zij verwerkt informatie alleen op een andere manier in het brein.

Doorgaan met lezen “Etters en letters – Frederick Deloddere”
Voorleesboeken, Zelf lezen

Pas op voor de fluistervaar – Mirjam Mous

Stel je voor dat we Corona in een kooitje zouden kunnen doen, vredig verder konden leven zonder beperkingen en als we er zin in hadden ernaar zouden kunnen gaan kijken als historisch overblijfsel? Zou dat een mooier alternatief zijn dan het vernietigen van het coronavirus, waar nu de hele wereld op gericht is?

Mirjam Mous speelt met dit idee in haar nieuwe kinderboek Pas op voor de fluistervaar. Het zet je aan het denken en maakt je zelfs vrolijk: zo kun je het ook bekijken! Mous noemt nergens het woord Corona, maar door de vele verwijzingen (minister Rutjes en Jonkers, persconferenties, anderhalve meter afstand en gesloten basisscholen) is het zeker dat ze zich hierdoor heeft laten inspireren.

“‘Benader de vogel niet!’ Opa’s stem schalt over de rotonde. ‘Bewaar ten minste anderhalve meter afstand en bedek uw oren. De fluistervaar is gevaarlijker dan u denkt!’”

Hoofdpersoon Daan (Daniëlle) en opa Willem komen onverwacht oog in oog te staan met De fluistervaar. Zonder dat ze het in de gaten hebben, worden ze betrokken bij een groot probleem: de fluistervaar is namelijk niet alleen een prachtige grote groene vogel met paarse stippen, maar ook een geniepige fluisteraar die mensen maffe dingen in hun oren fluistert waardoor ze denken dat ze de koningin, een zeeleeuw of een duif zijn.

Dat levert grappige taferelen op straat op, maar is natuurlijk niet handig! Ziekenhuizen liggen vol met mensen die helemaal in de war zijn: de moeder van Daan, die verpleegkundige is, draait overuren! Scholen moeten sluiten en mensen zijn bang. Ze moeten binnen blijven en als ze naar buiten willen, moeten ze gehoorbeschermers dragen om te voorkomen dat hen iets in wordt gefluisterd.

Het leest als een heerlijk spannend verhaal met een dapper meisje en een grappige opa (die veel woorden verdraait, zoals ‘fijndochter’ in plaats van kleindochter en ‘pyjamaar’ in plaats van pyjama) die de helden zijn in de fluistervaar-crisis. Daan besluit aan het eind van het boek dat ze echt uitvinder wil worden, ze heeft de wereld gered!

Door dit leuke boek kijk ook ik nu anders naar deze maffe periode van sociale onthouding, lege winkelstraten, restaurants en cafés en kinderen en volwassenen die thuis moeten leren en werken. Het is zo ongrijpbaar dat we er in ons hoofd van kunnen maken wat we willen. Wat is Corona eigenlijk? Wat doen we ermee, willen we er wel vanaf en wat gebeurt er als het ‘weg’ is?

Op https://www.de-leukste-kinderboeken.nl/content/lesbrief-pas-op-voor-de-fluistervaar vind je mooi lesmateriaal om te gebruiken in groep 4, 5 en 6. Twaalf lessen waarin onder andere drama, taalbeschouwing en leesbevordering centraal staan. Perfect voor een hele themaweek over dit boek! Wat prachtig dat dit er is. Voor alle leerkrachten en pabo-studenten: het is de moeite waard om op zoek te gaan naar lesmateriaal bij boeken: veel uitgeverijen zetten dit gratis online!

Zelf lezen

Spookpokken – Jessica Townsend

Een cover in een prachtige kleur groen met glimmend gouden letters ligt voor me… het derde deel in de Nevermoor-serie van Jessica Townsend, de serie over Morrigan Crow. Door sommige van mijn studenten ‘de vrouwelijke Harry Potter’ genoemd. Er zijn ook wel overeenkomsten te noemen tussen beide series: beide gaan over een magische wereld met veel personages en wonderlijke dieren, in beide series is er ‘iets’ met de hoofdpersoon (Harry Potter heeft zijn litteken, Morrigan Crow is vervloekt) en je moet de boeken op volgorde lezen om het te kunnen volgen. O ja, en Nevermoor zal binnenkort ook verfilmd worden.

Wat betreft de volgorde van de boeken: Nevermoor deel 1 verscheen in 2018 en heb ik toen direct gelezen. Deel 2 las ik meer dan een jaar geleden. De verhaallijnen waren dus al wat weggezakt. Gelukkig start Spookpokken met een terugblik op de eerste boeken, en wel zodanig dat er zelfs onthullingen worden gedaan over dingen die gebeurd zijn in boek 1 die anders gegaan bleken te zijn. Het wordt gelijk al best ingewikkeld in het begin van het boek: je moet goed opletten tijdens het lezen. Dat vond ik best lastig, ik laat me graag meevoeren door een sfeer in een boek en nu had ik de neiging om er een notitieboekje bij te pakken.

Gaandeweg word je gegrepen door de gebeurtenissen. Er gebeuren heel veel dingen, maar de rode draad is toch wel de opkomst van de ‘spookpokken’, een ziekte die ‘wondieren’ (dieren die zich gedragen als mensen) kunnen krijgen en die ervoor zorgt dat ze zich gedragen als wilde beesten en mensen aanvallen. Spookpokken waart door Nevermoor en boezemt iedereen veel angst in. De sfeer wordt grimmiger als het lijkt alsof de ziekte niet te bestrijden is. Wondieren in isolatie, een avondklok, volle ziekenhuizen… Gek genoeg verscheen dit boek in Engeland vóórdat Corona in Europa kwam, maar het voelt verrassend realistisch (ondanks de magische wereld uiteraard 😉 )

Morrigan werkt ondertussen samen met de wondersmid Ezra Windbuil aan het beheersen en versterken van haar krachten. De wondersmid is voor Nevermoor de belichaming van het kwaad en hoewel Morrigan Crow ook wondersmid is, wordt zij wel (door de meeste) inwoners van Nevermoor geaccepteerd. Ik verklap hier natuurlijk niet hoe het afloopt, maar Morrigan is wel weer de held in dit verhaal. Het einde laat ook echter weer veel dingen open… er komt vast nog een vervolg…

Een heerlijk dik boek waar geen einde aan lijkt te komen. Ik heb er best lang over gedaan om het uit te lezen: soms een hele ruk van 100 bladzijden, soms even een kort hoofdstukje. Lastig aan deze serie vind ik dat deel 1 echt ‘makkelijker’ was dan deel 2 en 3. Deel 1 zou ik wel aanraden vanaf 10 jaar, maar deel 2 en 3 eigenlijk pas vanaf 12 jaar (brugklas). Het is voor sterke lezers echt heel geschikt: kinderen die willen verdwijnen in een wondere wereld en alles om zich heen vergeten. Ook hier is trouwens weer de parallel met Harry Potter te trekken: deel 1 en deel 7 verschillen ook enorm van elkaar: het wordt steeds grimmiger, duisterder en de boeken worden dikker.

Zin in een magische kerstvakantie? Trek je dan met dit boek terug op de bank met een dekentje en een kop warme chocolademelk. Het begin van het boek ademt kerst: sneeuw en ijs in Nevermoor is mooier dan je je kunt voorstellen. Voor mij hoeft er geen verfilming te komen: Townsens schrijft zo beeldend dat je het al voor je ziet. Veel plezier met dit boek!

Ik ontving van Luiting Sijthoff een recensie-exemplaar. Koop het boek hier of bij je lokale boekhandel.

Prentenboeken, Voorleesboeken

De Gruvvalo – Julia Donaldson – vertaald in ‘t Grunnegs door Marlene Bakker

Een uit de hand gelopen 1 aprilgrap leverde afgelopen najaar 13 vertalingen van het wereldberoemde boek De Gruffalo op – vertalingen in 13 streektalen! Van Amsterdams tot Twents, en van Antwerps tot Gronings.

Ik ontving van Lemniscaat de Groningse versie en omdat ik geboren en getogen Groninger ben, heb ik enorm genoten van deze vertaling. Kleine muis is ‘lutje moes’, eten wordt vertaald als ‘broodeten’ en bang worden is ‘slap in d’hoed’. De website sillius.nl is een ontdekking: daar vind je enorm veel Groningse woorden en uitdrukkingen voor als je toch twijfelt (ik moest ‘slap in d’hoed’ ook opzoeken!)

Ik vind het een geweldig idee dat dit er is: ten eerste omdat De Gruffalo een klassieker (hij verscheen in 1999!) van jewelste is: ijzersterk door de verrassende verhaallijn (de muis verzint een monster dat echt blijkt te bestaan en zorgt er vervolgens voor dat het monster doodsbang voor de muis wordt), de herhalingen en de eindrijm, die ervoor zorgt dat kinderen na een keer lezen al mee kunnen doen en na ‘Nog een keer! Nog een keer!’ het verhaal woordelijk kunnen navertellen. De tekeningen van Axel Scheffler zijn prachtig: nooit vergeet je meer hoe de Gruffalo eruit ziet (met ‘zijn tong zwart als drop en paarse punten van zijn staart tot zijn kop’).

Nu dus verkrijgbaar in 13 streektalen! Wat een prachtig gebaar en erkenning: aandacht voor de eigen streektaal die voor veel kinderen vertrouwd en veilig voelt. Lekker voorlezen met de vertrouwde klanken van de streek waar je vandaan komt: opdat de typische woorden en uitdrukkingen niet zullen verdwijnen, maar doorgegeven worden naar de volgende generatie.

Op lemniscaat.nl/de-gruffalo vind je meer info over het boek, lessuggesties en audiofragmenten van de verschillende streektalen. Leuk om in de klas naar te luisteren en de verschillen te benoemen. Welke woorden versta je? Hoe klinkt de taal? Hard of zacht? Lief of juist krachtig? Hoe dicht is de vertaling bij de ‘oorspronkelijke’ tekst gebleven? Het boek is natuurlijk eerst al vertaald van Engels naar Nederlands. Op de site spelenmetengels.nl staan ook geweldige lessuggesties! En wist je dat er een mooie animatie is gemaakt bij dit boek en bij het vervolg: ‘Het kind van de Gruffalo’?

Wat mij betreft blijft De Gruffalo een onvervalste klassieker. De uitgaven in streektalen zorgt er vast voor dat nog meer kinderen kennis maken met dit geweldige verhaal.

In welke streektaal wil jij de Gruffalo graag lezen?