Zelf lezen

Dwars door de storm – Martine Letterie & Karlijn Stoffels

*Boek Nederland leest junior 2020*

Wat een prachtig boek! Ik heb ervan genoten. Het is spannend, ontroerend en ook nog eens romantisch. En het leukste is: het speelt in de provincie waar ik woon en werk: Groningen.

Het verhaal speelt zich af in 1953 en is gebaseerd op de komst van Molukkers naar Nederland vanwege de oorlog in Indonesië. Er zitten dus waargebeurde elementen in, wat het nog boeiender maakt. Jacob is geboren in Ambon en komt in de klas bij het Nederlandse meisje Tjakkie. Eerst vinden ze elkaar vreemd, maar uiteindelijk komen ze erachter dat ze zich beiden afzetten tegen hun ouders en tegen de verschillen in arbeidersklasse en boeren. En dat is interessanter dan het klinkt!

Als je het boek gelezen hebt, snap je ook wat de grote schelp op de voorkant voor betekenis heeft voor het verhaal.

Eind november bespreken we dit boek in een online leeskring binnen onze pabo. Ik heb er zin in: ik ben benieuwd wat studenten en mijn collega’s van het boek vonden.

Meer info: nederlandleest.nl/junior

Voorleesboeken, Zelf lezen

De beste school van de hele wereld – Manon Sikkel

Kinderboekenambassadeur Manon Sikkel schreef weer een heerlijk boek, waarmee ze in een klap laat zien wat leesplezier is en hoe je diversiteit, het onderwerp waar zij zich hard voor maakt, in een kinderboek kan verwerken.

Marie heeft twee vaders en is de enige leerling op de Beste school van de wereld. Hoe dat komt? Nou, doordat je vaders het nogal druk hebben met werken en daardoor een brief missen van de directeur van de basisschool van Marie waarin staat dat de school moet sluiten. Marie gaat dus gewoon wel en komt terecht in een lege school. Ze kan alles doen! Een droom, net als alleen een hele nacht in een warenhuis of pretpark.

Alleen… je gaat je wel vervelen en je leert ook niet zoveel. Gelukkig is daar juf Rachida. Eerst lijkt ze een beetje streng, maar ze heeft hele interessante alternatieve manieren om leerstof over te brengen. Met pizza’s bijvoorbeeld! Maar: een school met één leerling en één juf, dat kan natuurlijk niet. Daar komt dan ook snel verandering in. Maar of iedereen daar ook blij mee is…?

Het is een fijn boek om te lezen, met veel humor, stripachtige tekeningen en spanning: je wil verder lezen, want hoe loopt dit af? Het gaat ook over een belangrijk thema: wat is een school eigenlijk, wat is leren en wat heb je nodig om je te ontwikkelen? Marie is een eigenwijs en zelfstandig meisje, een soort moderne Pippi Langkous, die vooral plezier wil maken.

Terwijl ik het las, had ik al een aantal kinderen voor ogen die hiervan zullen smullen. Het is leuk om voor te lezen, maar ook om zelf te lezen. En je kunt er interessante gesprekken over voeren; wie bepaalt eigenlijk of een school goed is? Wat is een goede leraar? Waarom moeten kinderen naar school?

Ik ontving het boek van uitgeverij Zwijsen en ga het gauw uitlenen aan mijn neefje van 8, want ik denk dat hij het geweldig gaat vinden!

Je kunt het boek hier kopen. Ga hier naar de site van kinderboekenambassadeur Manon Sikkel.

Voorleesboeken, Zelf lezen

Beste broers – Jowi Schmitz

Deze recensie verscheen in de Boekenkrant van november 2020.

‘“Durf nou eens iets,” zeg ik. Volwassenen doen altijd zo moeilijk over dingen.’ Het nieuwe boek van Jowi Schmitz, Beste broers, gaat over dapper zijn en het anders durven doen. Raf (9) en Robbie (5) verhuizen naar het erf waar ook hun opa en oma wonen. Ze ontdekken dat opa een geheime plek in het bos heeft waar hij met oma naar de sterren wil kijken. Dan krijgt oma een hartaanval, waardoor het plannetje bijna in de soep loopt.

Doorgaan met lezen “Beste broers – Jowi Schmitz”
Prentenboeken, Voorleesboeken, Zelf lezen

Russische sprookjes – Thé Tjong-Khing

Alweer zo’n prachtig boek in de serie De sprookjesverteller: Thé Tjong-Khing is niet te stoppen! In de Grote Vriendelijke Podcast was Khing te gast en hij vertelde dat hij – 87 jaar – nog dagelijks aan zijn tekeningen werkt.

Khing is natuurlijk vooral illustrator en kunstenaar, maar begon in 2007 met het navertellen van bekende en onbekende sprookjes die hij illustreerde. Waarom sprookjes? Vragen Bas en Jaap in de GVP. “Omdat daar zo lekker veel in gebeurt en daar kan ik dan interessante tekeningen bij maken.”

Khing selecteert zelf de verhalen waarvan hij denkt dat hij mooie tekeningen bij kan maken. De sprookjes worden in de typische ‘Khing-stijl’ geschreven: lekker kort en compact. Hij doet dat, zegt hij in de GVP, omdat er een beetje vaart in moet zitten: kinderen mogen zich niet vervelen. Thé Tjong-Khing heeft zijn kleinkind Tobias steeds voor ogen als hij schrijft en er staan dus ook zinnetjes in die een dialoog verklappen: ‘Het zou je maar gebeuren…’ ‘Dat weet ik eerlijk gezegd niet…’ ‘En kun je nog iets leren van dit sprookje? Zeker: je kunt beter niet liegen.’

Wat mij opvalt is inderdaad dat er een lekkere snelheid in zit. En alles komt in drieën: steeds moet er drie keer een prinses gered worden, iemand maakt drie keer een fout of er komen drie kansen voorbij. Het is heerlijk om te lezen, maar eerlijk gezegd kijk ik iedere bladzijde weer reikhalzend uit naar de volgende illustratie: ze zijn geweldig om te bekijken en je ontdekt steeds meer details. Tekst en beeld werken prachtig samen.

Ik vond dit boek Russische sprookjes extra speciaal omdat het bijna allemaal onbekende sprookjes voor me waren: afgezien van de echte sprookjes-motieven zoals de gemene stiefmoeder, de heks, de snelle huwelijken (ze vonden elkaar aardig en de volgende dag besloten ze te trouwen), mysterieuze gebeurtenissen (een jongen wordt elke dag ik de brand gestoken, de koning gooit er wat poeder op en hij komt weer tot leven) en het geweld (hij hakte zijn kop eraf en alles was weer normaal).

Maar er zijn ook typische Russische elementen: zoals de heks Baba Jaga die zich voortbeweegt in een vijzel (!) en natuurlijk de schitterende kleding die Khing tekende (hij laat zich inspireren door YouTube vertelde hij in de GVP).

Ik denk dat deze sprookjes heerlijk zijn om voor te lezen. Door de vaart in de schrijfstijl, de bizarre gebeurtenissen en de fantastische tekeningen zullen kinderen hiervan smullen (de zoon van Bas Maliepaard deed dat in elk geval al!)

Khing zei in het interview dat er nog ‘iets aan zat te komen’. Ik hoop dat hij nog meer van dit soort prachtige boeken mag maken!

Zelf lezen

Schaduwbroer – Iris Hannema

Ik las een boek dat eigenlijk voor minimaal 15+ is. Ook wel weer eens leuk: ik heb de afgelopen tijd zoveel kinderboeken gelezen dat ik er weer even aan moest wennen: langere zinnen en hoofdstukken, meer beschrijvingen en metaforen, maar o zo heerlijk om in het hoofd van een volwassen meisje te zitten.

Hebe, ik gok begin twintig, is de hoofdpersoon in Schaduwbroer. Haar broer Alec is overleden in Japan, waar hij aan freediving deed: heel diep duiken zonder zuurstofflessen. Hij overleefde een erg diepe duik niet. Alec en Hebe zijn een broer en zus die in elkaar vervlochten zijn, veel van elkaar houden maar ook rivaliteit hebben met elkaar. Uiteraard komt de dood van haar broer binnen als een mokerslag. Hun gezamenlijke liefde is Japan. Hebe wil er naartoe, alleen, om te rouwen en om erachter te komen wat er nu precies gebeurd is.

Elk hoofdstuk begint met een quote, een plaatsnaam en een jaartal. Ze komen van de kaarten die Alec naar zijn zus stuurde op zijn reizen. Toen Alec naar Tokio ging, kreeg Hebe bij hun afscheid ook een kaart met een haiku die hij voor haar had geschreven. Het is cryptisch: Hebe weet niet wat ze ermee aan moet. Maar dat ze naar Tokio moet, is wel duidelijk.

Aangekomen in Tokio dompelt Hebe zich onder in het Japanse leven. Het is alsof je er zelf bent. Hannema schrijft zo gedetailleerd over het leven op straat, de mensen, de taal en vooral over het eten. Het water loopt je in de mond. Doordat de telefoon van Hebe kapot is gegaan is de ervaring van alleen op reis écht alleen. We zijn zo gewend aan onze lifeline: Skype, Whatsapp, overal bereik.

Op een dag ligt er een briefje met de boodschap ‘ik hou je in de gaten’ onder haar kamerdeur in haar hostel. Na elk hoofdstuk spreekt er steeds een geheimzinnige ‘stem’ die Hebe in de gaten lijkt te houden. Wie is dat? Is het dezelfde persoon die het briefje schreef? Is het het Amerikaanse meisje uit het vliegtuig waar Hebe mee gesproken heeft? Het is een merkwaardige spanningsopbouw. Je wilt weten hoe het verder gaat. Hebe gaat na 3 dagen Tokio naar het eiland Ishigaki, waar het ongeluk plaatsvond. Daar beginnen puzzelstukjes in elkaar te vallen tot een ontroerende én romantische ontknoping.

Vriendschap en relaties zijn een belangrijk thema in het boek. Hebe heeft veel flashbacks naar momenten met haar ‘beste vriendin’ Agnes, over wie ze twijfelt: had ze wel aandacht voor haar, luisterde ze wel echt, wat betekenen vrienden eigenlijk? Hebe ontmoet op haar reis veel mensen met wie ze diepgaande gesprekken voert en direct een soort van vriendschap en soms meer voelt: op reis kan dat blijkbaar.

Het verhaal blijft me nog lang bij. Iris Hannema schreef eerder alleen non-fictieboeken over haar reizen (ze heeft 10 jaar non-stop gereisd!), dit is haar eerste roman. In een interview met Hannema, te lezen op https://www.kinderboeken.nl/inspiratie/interview-iris-hannema/ ontdek ik dat ze voor dit boek geïnspireerd werd door het overlijden van een Russische freediver. Je leest in alles dat dit alleen geschreven kan zijn door een echte wereldreiziger. De details over culturen, (eet)gewoontes en het gevoel helemaal alleen (en zonder smartphone) te zijn, zijn levensecht beschreven. Heel mooi.

Ik ontving van kinderboeken.nl een recensie-exemplaar. Het boek is uitgegeven door Leopold. Ik raad het aan als je houdt van Japan, van reisverhalen en van onderhuidse spanning.

Zelf lezen

Mooi boek – Joke van Leeuwen

Heb ik al eens gezegd dat ik fan ben van het werk van Joke van Leeuwen? Deze! Is! Weer! Geweldig!

Een boek naar mijn hart, want het gaat over letters en taal. Als je net hebt leren lezen, slurp je de zinnen op. En het is fijn als er dan ook wat te lachen valt. Want sommige verhaaltjes op school zijn zó saai.

Met dit boek kun je wel aankomen vanaf groep 3. Er is zoveel te ontdekken: letters in de wereld om je heen, een verhaal met alleen maar de klinker ‘e’ en grappige stripjes met een vork en een lepel. Maak je eigen alfabet, met je lijf of met woorden. Aanrader!!!

Voorleesboeken, Zelf lezen

Vandaag is anders – Ilonka M. Jansen & Laura Macfarlane

Een fijn boek voor als opa of oma dood gaat en gecremeerd wordt. Een crematie is voor kinderen vaak nóg enger dan een begrafenis. Achterin het boek staan moeilijke woorden uitgelegd met plaatjes. In het verhaal wordt ook uitgelegd dat het mooi is om as uit te strooien op een plek die belangrijk was voor de overledene.

Een mooi, klein boekje met duidelijke taal over een moeilijk onderwerp. Wonderschoon geïllustreerd door Laura Macfarlane . En achterin ruimte om je eigen verhaal op te schrijven. Om voor altijd te bewaren.

Voorleesboeken, Zelf lezen

Mus & kapitein Kwaadbaard en de 5 slangen – Kevin Hassing

Het debuut van (stem)acteur Kevin Hassing is een spannend en sfeervol verhaal: heerlijk om te lezen en te verdwijnen naar een andere wereld, een andere tijd. Mus is de hoofdpersoon: een stoer meisje dat zich ontpopt als de heldin van het verhaal. Ze is ‘alleen op de wereld’, en lijkt ervoor gemaakt te zijn die wereld ook nog eens te redden. En dat doet ze in het geweldige gezelschap van drie noeste mannen en een krom mannetje, die onderling bruut met elkaar omgaan, maar eigenlijk heel lief zijn.

Mus ontsnapte uit haar stad Zeeburgerdam, die bezet werd door de bende van de 5 slangen. Alle inwoners werden op een plein gezet en daar gevangen gehouden. Behalve Mus, want Mus heeft geen huis en geen familie. Zij was de enige die de stad kon redden. Ze werd door een mysterieuze vrouw op pad gestuurd om Kwaadbaard te vinden. Kapitein Kwaadbaard zou een einde kunnen maken aan de bezetting. Maar hoe hij dat moest doen, daarover gaat nu juist dit verhaal en dat moet je zelf maar lezen!

De bonkige karakters, de sfeerbeschrijvingen van het café waar Mus Kwaadbaard voor het eerst ontmoet, mysterieuze kettinkjes met bedeltjes, de ruimtebeschrijvingen van de plekken waar Mus en de mannen slapen, een enorme boomhut, kwaadaardige wolven, een verbrand schip, de ontroerende gesprekken tussen Mus en Kwaadbaard: het maakt het tot een sfeervol geheel waarin je gaat geloven. Mus is zeer verbonden met ‘haar’ stad en doet er alles voor om de mensen te redden, koste wat het kost. Ze is niet bang voor de grote mannen en slaagt erin met slimme trucs om dingen gedaan te krijgen. De vrouwen hebben sowieso een sleutelrol: ze zijn slimmer, handiger en vindingrijker dan de mannen en bepalen ook de uiteindelijke afloop van het verhaal.

Een heerlijk boek voor kinderen die van fantasiewerelden en spannende verhalen houden. Hebben ze genoten van Het raadsel van de zee en Het verlangen van de prins? Dan is dit boek echt iets voor hen. Mooi debuut, en het tweede deel ligt al in de planning. Zoals het een echte soapacteur betaamt, bevat het boek een spannende cliffhanger!

Zelf lezen

DICHTER.

Lees jij weleens een gedicht? Met het tijdschrift DICHTER. van Plint lees je vier keer per jaar prachtige en gloednieuwe gedichten voor kinderen van 6 tot 106 van onder andere Joke van Leeuwen, Bette Westra en Hans Kuyper. Elk nummer heeft een thema.

Het themanummer ‘Corona – de wereld staat stil en op zijn kop’ is er een om te hebben en om te bewaren. Omdat het zo’n rare, onzekere en bizarre tijd is die iedereen zich nog zal herinneren. Omdat gedichten zo passend kunnen zijn bij dat wat je zelf even niet kunt zeggen.

Een cadeautje voor jezelf. Om uit voor te lezen of om zelf van te genieten. Lees wat vaker een gedicht, het is echt de moeite waard.

Een abonnement op DICHTER. kost maar €16,95 voor 4 nummers. Kijk op plint.nl/dichter

Voorleesboeken, Zelf lezen

Mijn dagen met niets – Mireille Geus

Het eerste kinderboek dat ik las dat over de Corona-crisis gaat! Fel realistisch dus en eigenlijk ook niet iets waar ik nu zin in heb, zo vlak na de persconferentie van 13 oktober waarin wordt aangekondigd dat Nederland weer in gedeeltelijke lockdown gaat.

Toch pakte het boek me snel in, en dat komt vooral door de sympathieke hoofdpersonen: de Surinaamse Elshontely en haar moeder, die al drie weken noodgedwongen thuis zitten vanwege de Corona-maatregelen. Elshontely verveelt zich enorm, want die paar uurtjes school op de laptop per dag zijn nooit genoeg en alle dingen die ze nog moesten doen – kamer opruimen, schoonmaken enz. – zijn al gedaan. Haar moeder naait de hele dag onafgebroken mondkapjes van Elshontely’s oude kleding en bedenkt op een dag iets om de verveling te verdrijven: een hengel.

Met de hengel vangen ze Niets, want zo noemen ze het ‘diertje’ dat ze vangen. Alleen: ze zien het eigenlijk helemaal niet! Is Niets er wel? Vanaf dat moment krijgt het verhaal een vreemde wending: speelt haar moeder het spelletje mee? Elshontely verzorgt Niets met zeer veel liefde. Het eet ook erg veel. En Niets groeit! Het wordt zo groot dat het niet meer in hun kleine huis past!

Het boek leest heerlijk en is geschikt vanaf 8 jaar denk ik. Het is ook leuk om voor te lezen (in de klas) en met kinderen te bespreken wat ze van het verhaal vinden. Het leent zich voor mooie filosofische vragen zoals: als je iets niet ziet, bestaat het dan niet? Kun je gehecht raken aan een onzichtbare vriend?

Het thema van het boek is verbeelding en fantasie. De Corona-crisis is een belangrijk motief: doordat we allemaal thuis komen te zitten wordt onze wereld kleiner. We gaan meer ‘in ons eigen hoofd zitten’. We gaan naar het ‘nieuwe normaal’: maar wat is dat eigenlijk? Bestaat ‘gewoon normaal’ wel?

Kortom: een intrigerend boek. Bijzonder actueel ook, we weten nog niet waar Corona zal eindigen en wat er nog staat te gebeuren. Zeker is dat de kinderen van deze generatie niet om Corona heen kunnen. Er zullen vast meer boeken verschijnen waarin onze nieuwe leefomstandigheden – de 1,5 meter, de hygiëneregels, mondkapjes en regels over groepsgrootte – een rol spelen. Ik moet er een beetje aan wennen, maar ik vind het ook mooi. En de manier waarop Mireille Geus het heeft gedaan is erg bijzonder. Ze heeft een heerlijke schrijfstijl: direct en zonder poespas. De karakters komen echt tot leven.

Ik zou willen zeggen: lees het boek ook, ik ben benieuwd wat je ervan vindt!

Ik ontving het boek als recensie-exemplaar van Lemniscaat.