Voorleesboeken, Zelf lezen

Het ministerie van oplossingen en de Zilverjongen – Sanne Rooseboom

Mijn eerste ministerie van oplossingen-boek! Natuurlijk had ik er al veel over gehoord en gelezen, maar nu – het is het vierde deel in de serie – kan ik er toch echt niet omheen.

Wat was het spannend! Ik wilde echt doorlezen om te weten hoe het af zou lopen. Rooseboom houdt de plot complex en laat steeds weer iets in de soep lopen, zodat je echt niet weet waar het verhaal naartoe gaat. Heerlijk voor mij, maar ook voor jonge lezers!

Het ministerie van oplossingen is een geheime organisatie die mensen moet helpen, maar niet ontmaskerd mag worden. Vier kinderen en twee oude dames hielpen in de vorige drie boeken al vele mensen, maar in dit boek is er een grote uitdaging: het helpen van een jongen die echt niet aardig is. En dan blijkt hij ook nog eens de zoon van hun grootste vijand: een Zilverman, die als grootste missie heeft het ministerie te laten verdwijnen.

Toch laten ze het er niet bij zitten: de uitdaging is groot en ze zijn niet bang voor een beetje avontuur. Nina is met haar 11 jaar de oudste van het stel. Ze is nergens bang voor en enorm vindingrijk. Hoe ingewikkeld de zaak ook is, ze bedenken steeds weer gekke oplossingen. Bijvoorbeeld met een ‘schaduwzaak’ in een bejaardenhuis die de aandacht af moet leiden en een zoektocht naar een geschikt appartement voor de tante van de Zilverjongen.

Wat een mooi idee als er echt zo’n geheime organisatie zou ontstaan: die zonder dat je het weet zorgt dat je een voldoende voor je proefwerk haalt, verkering regelt met die leuke jongen of je helpt met klusjes in huis. Je zult nooit weten of ze je hebben geholpen of niet, want het bestaan van het ministerie mag nooit openbaar worden.

Sanne Rooseboom heeft een fijne vertelstijl en schrijft zoals gezegd met veel vaart, maar ook met ‘doodlopende weggetjes’ zodat je geboeid blijft. Je kunt je identificeren met de personages, maar ze zijn wel net even wat stoerder en dapperder dan jij.

Het verhaal roept vragen op die leuk zijn om met kinderen te bespreken: vertel jij alles aan je ouders? Mag je geheimen hebben? Help jij ook een kind dat je niet zo aardig vindt? Welke oplossing kan jij bedenken voor een probleem van een ander?

Wat een mooie serie is dit. Het zet ongetwijfeld veel kinderen vanaf ongeveer 9 jaar aan tot lezen, helemaal omdat het een serie is. En de cover en de illustraties gemaakt door Mark Janssen zijn zo aantrekkelijk! Je ogen worden er naartoe gezogen, het is stoer en mysterieus tegelijk.

Het boek verscheen bij uitgeverij Van Goor en je kunt het hier bestellen. Ik ontving van De leukste kinderboeken een recensie-exemplaar.

Zelf lezen

Het vuurhuisje – Keir Graff

Stel je een minihuisje op wielen voor waar de vlammen uit het dak slaan, volgepropt met 2 broers en een zus die ruzie maken, een kok, een bewaker, een stiefmoeder, een vervelend broertje en een heleboel dieren; terwijl het, omringd door een kudde op hol geslagen koeien met een noodgang een brandend bos uit wordt gereden door een pick-up truck. Zie je het voor je??

Dit is het slotstuk van het hilarische en enorm spannende nieuwe boek van Keir Graff (bekend van De spooktoren en Het luciferkasteel), dat zich afspeelt in de bossen van Californië, waar helaas ook in het echt soms enorme bosbranden ontstaan.

Hoe komen al die mensen in dat kleine huisje, vraag je je af. Tja, het is een maffe samenloop van omstandigheden die begint op de dag dat de vader van hoofdpersoon Dagmar te horen krijgt dat de kopers van zijn eigenhandig gebouwde Tiny House de aankoop terugtrekken. Ze besluiten er met hun samengestelde gezin (met stiefmoeder en halfbroertje) zelf in te gaan wonen (oké, ze zijn ook failliet dus een andere keuze is er niet).

Daar is Dagmar niet blij mee! Ze moet afscheid nemen van haar oude leventje en van haar vrienden; ze zetten hun Tiny House op een verlaten stuk bos waar niets te beleven is.

…denkt Dagmar. Totdat ze op onderzoek uit gaat en een vreemd huis ontdekt en een nog vreemdere jongen, Blake. Bij gebrek aan andere afleiding zoekt ze contact met hem en ontdekt de familiegeheimen van zijn steenrijke ouders, oom en tante. Geld maakt niet gelukkig: dat kunnen we wel leren van dit verhaal – sterker nog: je kunt er knallende ruzie over krijgen.

Ik ben fan van deze schrijver na het lezen van dit boek en ben dan ook benieuwd naar zijn andere boeken. Het leest als een trein en zit vol woordgrappen (hulde aan vertaler Annemarie de Vries). Ik denk dat lezers vanaf een jaar of 10 hiervan zullen smullen. Lezers die ook houden van bijvoorbeeld Keverjongen (M.G. Leonard), de serie Costa Banana (Jozua Douglas) en de boeken van David Walliams. Ook heerlijk om voor te lezen in de klas!

Ik ontving het boek van De leukste kinderboeken: het verscheen bij Van Holkema & Warendorf. Bestel het boek hier.

Voorleesboeken, Zelf lezen

Nils Holgersson – Selma Lagerlöf

Opnieuw verteld door Bette Westera met illustraties van Martijn van der Linden

Een zwaar, dik boek ploft op de mat. Daar is ‘ie, de nieuwe vertelling van het klassieke verhaal, uitgebracht door uitgeverij Gottmer. Een schitterende tekening op de voorkant: Nils Holgersson, wie kent hem niet? Het liedje van de televisieserie speelt automatisch af in je hoofd: je ziet het kleine mannetje op de rug van een gans zo weer voor je.

Nieuwsgierig begin ik te lezen. Het boek in de eerdere vertaling heb ik nooit gelezen. Ik ken het verhaal dus alleen van het televisieprogramma. In het voorwoord is aandacht voor het ontstaan van het boek: Lagerlöf werd begin 1900 gevraagd om een aardrijkskundig schoolboek te schrijven over Zweden: je moest er iets van leren, maar het moest ook leuk zijn om te lezen. Ruim 100 jaar oud is het boek dus al!

Nils is een uiterst vervelend jongetje. Hij plaagt de dieren op de boerderij waar hij woont en maakt hen het leven zuur. Op een dag blijft Nils alleen thuis als zijn ouders naar de kerk gaan. En dan gebeurt er iets wonderlijks: Nils wordt door een kabouter veranderd in… een kabouter. In paniek stormt hij naar buiten, waar hij erachter komt dat hij de dieren kan verstaan. Ze praten negatief over hem. Toch slaagt hij erin om op de rug van tamme gans Mårten te klimmen en daar begint zijn avontuur: hij gaat op reis met de ganzen naar Lapland.

Eerst moet Nils zich bewijzen. De troep ganzen heeft een hekel aan hem. Nils ontdekt dat hij de dieren kan helpen, bijvoorbeeld een eekhoorn in nood. Langzamerhand wordt hij opgenomen door de ganzen. Hij hoort erbij.

Ze vliegen over Zweden; beginnend in het zuiden, langs alle provinces, waar ze van bovenaf precies kunnen zien waar de rivieren stromen, waar de meren liggen; de landschappen veranderen en elke dag moeten de ganzen en Nils een veilige plek vinden om te eten en te overnachten. En dat blijkt het moeilijkste deel van de reis: er zijn zoveel gevaren dat ze altijd op hun hoede moeten zijn.

Het is een lijvig boek, met veel raamvertellingen: verhalen in het verhaal, verteld door een alwetende verteller. Soms ontsnapt Nils om in de mensenwereld te kijken, soms vertellen dieren die hij tegenkomt hem oude verhalen. Maar steeds komt Nils terug bij de troep ganzen om hun reis te vervolgen.

Het oorspronkelijke boek bestaat uit twee delen. Driekwart van het boek gaat over een kwart van de reis. Het laatste stuk gaat sneller: delen van Zweden worden ‘even snel’ behandeld. Het leent zich denk ik goed om voor te lezen, maar het is wel een erg dik boek, dus daar doe je best lang over.

Het belangrijkste thema van het boek is de zorg voor onze natuur en de dierenwereld. Lagerlöf kiest niet voor niets een vervelend jongetje dat dieren plaagt als hoofdpersoon: Nils staat symbool voor hoe ‘de mens’ met dieren omgaat. Mensen kunnen zich maar moeilijk in dieren verplaatsen: we voelen ons superieur, terwijl dieren van onschatbare waarde zijn en we groot ontzag voor hen zouden moeten hebben. Uiteraard speelt de liefde voor Zweden ook een grote rol: je merkt in hoe Lagerlöf schrijft over haar land hoeveel ze ervan houdt; van de afwisseling, de ruimte en de diversiteit. Wie zegt dat Zweden saai is, heeft ongelijk.

Wat mooi dat deze hervertelling er is. Bette Westera maakte er weer een heerlijk leesbaar boek van. En met de illustraties van Martijn van der Linden is het een prachtig geheel! Bedankt Gottmer voor het recensie-exemplaar.

Voorleesboeken, Zelf lezen

De beste school van de hele wereld – Manon Sikkel

Kinderboekenambassadeur Manon Sikkel schreef weer een heerlijk boek, waarmee ze in een klap laat zien wat leesplezier is en hoe je diversiteit, het onderwerp waar zij zich hard voor maakt, in een kinderboek kan verwerken.

Marie heeft twee vaders en is de enige leerling op de Beste school van de wereld. Hoe dat komt? Nou, doordat je vaders het nogal druk hebben met werken en daardoor een brief missen van de directeur van de basisschool van Marie waarin staat dat de school moet sluiten. Marie gaat dus gewoon wel en komt terecht in een lege school. Ze kan alles doen! Een droom, net als alleen een hele nacht in een warenhuis of pretpark.

Alleen… je gaat je wel vervelen en je leert ook niet zoveel. Gelukkig is daar juf Rachida. Eerst lijkt ze een beetje streng, maar ze heeft hele interessante alternatieve manieren om leerstof over te brengen. Met pizza’s bijvoorbeeld! Maar: een school met één leerling en één juf, dat kan natuurlijk niet. Daar komt dan ook snel verandering in. Maar of iedereen daar ook blij mee is…?

Het is een fijn boek om te lezen, met veel humor, stripachtige tekeningen en spanning: je wil verder lezen, want hoe loopt dit af? Het gaat ook over een belangrijk thema: wat is een school eigenlijk, wat is leren en wat heb je nodig om je te ontwikkelen? Marie is een eigenwijs en zelfstandig meisje, een soort moderne Pippi Langkous, die vooral plezier wil maken.

Terwijl ik het las, had ik al een aantal kinderen voor ogen die hiervan zullen smullen. Het is leuk om voor te lezen, maar ook om zelf te lezen. En je kunt er interessante gesprekken over voeren; wie bepaalt eigenlijk of een school goed is? Wat is een goede leraar? Waarom moeten kinderen naar school?

Ik ontving het boek van uitgeverij Zwijsen en ga het gauw uitlenen aan mijn neefje van 8, want ik denk dat hij het geweldig gaat vinden!

Je kunt het boek hier kopen. Ga hier naar de site van kinderboekenambassadeur Manon Sikkel.

Informatief

De eenhoorn en andere fantastische dieren die ooit leefden – Lotte Stegeman & Marieke Nelissen

Zo’n mooi en tegelijk angstaanjagend boek! Wat een kennis, wat een details en wat een tekeningen! Van sommige dieren kreeg ik het even benauwd, zoals de Meganeuropsis: een langpootmug die wel 70 cm groot kon worden (zo groot als een sperwer). Hij lijkt nog het meest op een mega-libel.

Maar het meest angstaanjagende dier is de mens. Want die is er straks misschien verantwoordelijk voor dat de bij, die al 100 miljoen jaar op aarde leeft, uitsterft. Dat mogen we niet laten gebeuren.

Een geweldig boek voor mooie lessen over onze bijzondere planeet. Om ons weer eens te laten realiseren dat wij in 99,9996% van de geschiedenis van de aarde in geen velden of wegen te bekennen waren.

Zelf lezen

Mooi boek – Joke van Leeuwen

Heb ik al eens gezegd dat ik fan ben van het werk van Joke van Leeuwen? Deze! Is! Weer! Geweldig!

Een boek naar mijn hart, want het gaat over letters en taal. Als je net hebt leren lezen, slurp je de zinnen op. En het is fijn als er dan ook wat te lachen valt. Want sommige verhaaltjes op school zijn zó saai.

Met dit boek kun je wel aankomen vanaf groep 3. Er is zoveel te ontdekken: letters in de wereld om je heen, een verhaal met alleen maar de klinker ‘e’ en grappige stripjes met een vork en een lepel. Maak je eigen alfabet, met je lijf of met woorden. Aanrader!!!

Voorleesboeken, Zelf lezen

Mus & kapitein Kwaadbaard en de 5 slangen – Kevin Hassing

Het debuut van (stem)acteur Kevin Hassing is een spannend en sfeervol verhaal: heerlijk om te lezen en te verdwijnen naar een andere wereld, een andere tijd. Mus is de hoofdpersoon: een stoer meisje dat zich ontpopt als de heldin van het verhaal. Ze is ‘alleen op de wereld’, en lijkt ervoor gemaakt te zijn die wereld ook nog eens te redden. En dat doet ze in het geweldige gezelschap van drie noeste mannen en een krom mannetje, die onderling bruut met elkaar omgaan, maar eigenlijk heel lief zijn.

Mus ontsnapte uit haar stad Zeeburgerdam, die bezet werd door de bende van de 5 slangen. Alle inwoners werden op een plein gezet en daar gevangen gehouden. Behalve Mus, want Mus heeft geen huis en geen familie. Zij was de enige die de stad kon redden. Ze werd door een mysterieuze vrouw op pad gestuurd om Kwaadbaard te vinden. Kapitein Kwaadbaard zou een einde kunnen maken aan de bezetting. Maar hoe hij dat moest doen, daarover gaat nu juist dit verhaal en dat moet je zelf maar lezen!

De bonkige karakters, de sfeerbeschrijvingen van het café waar Mus Kwaadbaard voor het eerst ontmoet, mysterieuze kettinkjes met bedeltjes, de ruimtebeschrijvingen van de plekken waar Mus en de mannen slapen, een enorme boomhut, kwaadaardige wolven, een verbrand schip, de ontroerende gesprekken tussen Mus en Kwaadbaard: het maakt het tot een sfeervol geheel waarin je gaat geloven. Mus is zeer verbonden met ‘haar’ stad en doet er alles voor om de mensen te redden, koste wat het kost. Ze is niet bang voor de grote mannen en slaagt erin met slimme trucs om dingen gedaan te krijgen. De vrouwen hebben sowieso een sleutelrol: ze zijn slimmer, handiger en vindingrijker dan de mannen en bepalen ook de uiteindelijke afloop van het verhaal.

Een heerlijk boek voor kinderen die van fantasiewerelden en spannende verhalen houden. Hebben ze genoten van Het raadsel van de zee en Het verlangen van de prins? Dan is dit boek echt iets voor hen. Mooi debuut, en het tweede deel ligt al in de planning. Zoals het een echte soapacteur betaamt, bevat het boek een spannende cliffhanger!

Voorleesboeken, Zelf lezen

Mijn dagen met niets – Mireille Geus

Het eerste kinderboek dat ik las dat over de Corona-crisis gaat! Fel realistisch dus en eigenlijk ook niet iets waar ik nu zin in heb, zo vlak na de persconferentie van 13 oktober waarin wordt aangekondigd dat Nederland weer in gedeeltelijke lockdown gaat.

Toch pakte het boek me snel in, en dat komt vooral door de sympathieke hoofdpersonen: de Surinaamse Elshontely en haar moeder, die al drie weken noodgedwongen thuis zitten vanwege de Corona-maatregelen. Elshontely verveelt zich enorm, want die paar uurtjes school op de laptop per dag zijn nooit genoeg en alle dingen die ze nog moesten doen – kamer opruimen, schoonmaken enz. – zijn al gedaan. Haar moeder naait de hele dag onafgebroken mondkapjes van Elshontely’s oude kleding en bedenkt op een dag iets om de verveling te verdrijven: een hengel.

Met de hengel vangen ze Niets, want zo noemen ze het ‘diertje’ dat ze vangen. Alleen: ze zien het eigenlijk helemaal niet! Is Niets er wel? Vanaf dat moment krijgt het verhaal een vreemde wending: speelt haar moeder het spelletje mee? Elshontely verzorgt Niets met zeer veel liefde. Het eet ook erg veel. En Niets groeit! Het wordt zo groot dat het niet meer in hun kleine huis past!

Het boek leest heerlijk en is geschikt vanaf 8 jaar denk ik. Het is ook leuk om voor te lezen (in de klas) en met kinderen te bespreken wat ze van het verhaal vinden. Het leent zich voor mooie filosofische vragen zoals: als je iets niet ziet, bestaat het dan niet? Kun je gehecht raken aan een onzichtbare vriend?

Het thema van het boek is verbeelding en fantasie. De Corona-crisis is een belangrijk motief: doordat we allemaal thuis komen te zitten wordt onze wereld kleiner. We gaan meer ‘in ons eigen hoofd zitten’. We gaan naar het ‘nieuwe normaal’: maar wat is dat eigenlijk? Bestaat ‘gewoon normaal’ wel?

Kortom: een intrigerend boek. Bijzonder actueel ook, we weten nog niet waar Corona zal eindigen en wat er nog staat te gebeuren. Zeker is dat de kinderen van deze generatie niet om Corona heen kunnen. Er zullen vast meer boeken verschijnen waarin onze nieuwe leefomstandigheden – de 1,5 meter, de hygiëneregels, mondkapjes en regels over groepsgrootte – een rol spelen. Ik moet er een beetje aan wennen, maar ik vind het ook mooi. En de manier waarop Mireille Geus het heeft gedaan is erg bijzonder. Ze heeft een heerlijke schrijfstijl: direct en zonder poespas. De karakters komen echt tot leven.

Ik zou willen zeggen: lees het boek ook, ik ben benieuwd wat je ervan vindt!

Ik ontving het boek als recensie-exemplaar van Lemniscaat.

Voorleesboeken, Zelf lezen

Gevonden – Cees van den Berg

Wat een geweldig boek! Frida (Frietje) vindt op een dag een verwarde oude man die midden op straat staat met zijn pantoffels aan. Frietje is een meisje dat alles wat ze vindt, meeneemt. Dus deze meneer, die ze meneer Fritz noemt, gaat mee naar haar huis. Haar ouders hebben een restaurant dat Kip, friet en kaviaar heet. Ze vinden het eerst een beetje gek dat ze er plots een huisgenoot bij hebben, maar ze raken langzamerhand op hem gesteld.

Frietje en Fritz worden dikke maatjes. Maar dat hij zich niks meer herinnert van vóór hij gevonden werd door Frietje is wel heel verontrustend. De hulpverlening gaat zich ermee bemoeien, en gelukkig mag hij voorlopig bij Frietje blijven wonen. Ze gaan wel samen op onderzoek uit: ze hangen posters op en gaan op zoek naar plekken die meneer Fritz zich misschien herinnert.

Ik verklap uiteraard niet hoe het afloopt, maar kan wel zeggen dat het hartverwarmend is, het hele boek is dat trouwens. Een ogenschijnlijk simpel gegeven, een verwarde man, en een heerlijke schrijfstijl met veel vaart en humor, zorgen ervoor dat het leest als een trein. Als het uit is, wil je opnieuw beginnen om in de sfeer van het verhaal te blijven.

Wat een fijn boek. Anders dan anders. Het doet denken aan de boeken van Hendrik Groen, over het ‘gewone’ leven van een bejaarde meneer in een bejaardentehuis. Met humor en relativeringsvermogen kijken ze naar de wereld, die zo druk en hectisch is. Jonge mensen vinden oudere mensen vaak saai en oninteressant, terwijl ze juist veel van elkaar kunnen leren. Dit boek breekt ook weer een lans voor het doorbreken van leeftijdsgrenzen: laten we als jongeren weer wat meer omkijken naar onze ouderen.

Ik ontving van uitgeverij Lemniscaat een recensie-exemplaar. Ik raad het boek aan voor lezers vanaf 9 jaar ongeveer. Het is heerlijk als voorleesboek (in de klas of thuis) of om zelf te lezen. Gevonden is het tweede boek van Cees van den Berg, die ook muzikant is. Warm aanbevolen!

Voorleesboeken, Zelf lezen

Briefjes voor Pelle – Marlies Slegers

Een jaar geleden overleed de vader van Pelle. Hij en zijn moeder blijven alleen over. Het lijkt of alles stil is blijven staan: ‘het leven is een zoutloze soep geworden’. Pelle (12 jaar) is echter ook gewoon een tiener en bovendien hoogbegaafd: hij ging op zoek naar manieren om met zijn verdriet om te gaan. Zijn oplossing: als hij tranen voelt opkomen denkt hij aan gedetailleerde feiten, zoals het aantal cellen in je lichaam, de draagkracht van een mier of een zo lang mogelijke reeks priemgetallen. Dat sleept hem erdoorheen.

Doorgaan met lezen “Briefjes voor Pelle – Marlies Slegers”