Zelf lezen

De tijdkijker – De Romeinse kogel – Rob Koops

Illustraties Maruga Koops

Ik las dit jaar op nationale Buitenleesdag, 28 juni 2026, het nieuwste boek van Rob Koops uit (bekend van de Oerbloed-trilogie). De Tijdkijker – De Romeinse kogel is het eerste deel van een nieuwe serie historische boeken die Koops zal gaan uitbrengen. Zoals de titel al verraadt gaan we in dit eerste deel naar de tijd van de Romeinen. En dat is spannend!

Maud verveelt zich te pletter in de zomervakantie. Haar ouders willen niet op vakantie en dus is ze overgeleverd aan reizen in haar  eigen hoofd. Maar dat het zo letterlijk zou gaan, had ze niet kunnen vermoeden toen haar neefje Vos bij haar in Leidsche Rijn kwam logeren. Vos deed namelijk heel geheimzinnig: hij had een apparaat meegenomen waar je mee terug in de tijd kon kijken. En omdat Mauds moeder onderzoek doet naar de Romeinse tijd, wil zij graag in die tijd een kijkje nemen. Met in haar ene hand een oude Romeinse kogel (gevonden door haar moeder), een amulet om haar nek en haar telefoon in haar hand wordt ze meer dan 1900 jaar terug de tijd in geslingerd.

Maud komt terecht in het jaar 122, waarin bijna alles anders is dan in onze huidige tijd. Ze ontmoet vrijwel direct de vrolijke en positieve Baldr, een jongen die half Bataaf en half Fries is. Het Nederland wat we nu kennen bestaat nog niet, de zuidelijke helft van Nederland behoorde de eerste 400 jaar van onze jaartelling tot het Romeinse Rijk. De rivier de Rijn vormde de grens. De grenszone noemen we nu de Limes. De Romeinen breiden hun rijk in groot tempo uit maar andere volkeren verzetten zich daartegen, vaak ook nog met succes.

Maud heeft maar één missie: ze wil weten hoe het komt dat in de kogel die haar moeder vond een gat zit. Maar dat lijkt een onmogelijke opdracht. Maud worstelt zich zo goed en kwaad als dat gaat door het dagelijks leven. Ze ontmoet interessante mensen, bezoekt bijzondere bouwwerken zoals een fort en een wachttoren, leert veel over de Romeinen en hun vreemde gebruiken, over slavernij, eetgewoontes, de goden, maar vooral ontdekt ze hoe het komt dat haar oma Noena altijd al zo geobsedeerd is geweest door tijd. 

Tijd is de rode draad in het verhaal; het knoeien met tijd, de toekomst voorspellen, het veranderen van verleden of heden en het verschil tussen vroeger en nu. En tegelijkertijd leer je als lezer veel over een periode waar we eigenlijk toch nog steeds te weinig over weten. Een tijd die tot de verbeelding spreekt!

En die tijdmachine, waar kennen we die ook alweer van? Ah ja, van Kruistocht in spijkerbroek natuurlijk, een verhaal dat een echte klassieker mag heten maar die niet meer zo gemakkelijk te lezen is door kinderen in deze tijd wat mij betreft (wat niet geldt voor andere boeken van Thea Beckman, zoals Kinderen van Moeder Aarde bijvoorbeeld). Koops heeft een schrijfstijl die wat doet denken aan Beckman, omdat hij zo uitvoerig historische gebeurtenissen beschrijft op een manier dat je nog nieuwsgieriger wordt en door móet lezen. Ik had het wel fijn gevonden als er hier en daar wat meer vaart in het verhaal had gezeten. Vlak voor de ontknoping worden er veel zijpaden bewandeld, een bezoek aan een keuken, een uitgebreide ontmoeting met keizer Hadrianus. Maar wat de lezer écht wil weten – komt Maud weer terug naar Leidsche Rijn? – daar moet je best lang op wachten.

Dit is een heerlijk boek voor kinderen die geïnteresseerd zijn in geschiedenis – en wie is dat nou niet? Je merkt dat Koops met grote betrokkenheid en bevlogenheid zijn research heeft gedaan en maakt het boek compleet met een lijst met historische gebeurtenissen, een lijst met gebruikte Latijnse woorden, een uitgebreide uitleg over hoe het boek tot stand is gekomen en zelfs een recept voor een lekkere taart. Het enthousiasme van Rob Koops is aanstekelijk en met alle aandacht die hij er online en offline aan besteed kan het niet anders dan dat deze serie een grote hit gaat worden! Voor 10+, uitgeverij Harper  Collins.